De voetbalavonturen van Morris en Tim (deel 20) een week vol tegenstellingen

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Morris en Tim

Er zijn van die momenten waarop je als opa even achteroverleunt, een glimlach niet kunt onderdrukken en denkt: ja, dit is een goed idee geweest. Het begon ooit als een spontane ingeving: het vastleggen van de voetbalavonturen van mijn twee kleinzoons, Morris en Tim. Een foto hier, een kort verslagje daar, een telefoontje na afloop dat je eigenlijk niet wilt vergeten. Maar zoals dat vaker gaat met herinneringen die je niet wilt laten vervliegen, groeide die ingeving langzaam uit tot een kleine missie. Een digitaal plakboek vol doelpunten, trainingen, kleedkamerpraat, teleurstellingen, overwinningen en alles wat het jeugdvoetbal zo mooi, eerlijk en puur maakt.


tim 3   morris2

Afgelopen week was er eentje van uitersten. Een week die eigenlijk niet beter samengevat kan worden dan als een week vol tegenstellingen. Waar het ‘voetballeven’ van Morris zich afspeelde in een druk schema van competitievoetbal, schoolvoetbal en persoonlijke uitdagingen, was het bij Tim juist opvallend rustig.

Voor Morris stond alles in het teken van blijven gaan. Ondanks dat zijn team het in de competitie zwaar heeft, blijft hij bezig met ontwikkelen. Dat zie je niet alleen terug in wedstrijden, maar ook in de kleine dingen. Zoals het verbeteren van zijn record ‘balletje hooghouden’. Het zijn juist die momenten die laten zien hoe groot de liefde voor het spel is. Niet alleen spelen omdat het moet, maar oefenen omdat je beter wilt worden.

Voor Tim zag de week er heel anders uit. Zijn voetbalactiviteiten beperkten zich tot een training en wat vrij voetballen met een vriendje. En dat is eigenlijk zonde. Zeker voor kinderen van die leeftijd is ritme belangrijk. Wedstrijden, hoe klein en onbeduidend ze soms lijken, zijn essentieel voor hun plezier en ontwikkeling. Na 14 maart bleef het stil vanuit de club. Geen vriendschappelijke wedstrijden, geen extra speelmomenten. Gewoon… niets.

En eerlijk is eerlijk: dat doet iets met mij. Als oud-jeugdtrainer beginnen mijn handen dan te jeuken. Niet uit kritiek, maar uit betrokkenheid. Je wilt dat die jongens kunnen spelen, kunnen leren, kunnen genieten. Want geen enkel jeugdteam hoort midden in een seizoen drie zaterdagen zonder voetbal door te brengen. Dat voelt als een gemiste kans.

Gelukkig is er licht aan de horizon. Op zaterdag 11 april mogen de ‘mannen’ weer los op het veld. Na een periode in de zaal is dat alleen maar mooi. Gras onder de voeten, frisse lucht, echte wedstrijden. Dat is waar het uiteindelijk om draait. Toch blijft het gevoel hangen dat er in de begeleiding en organisatie misschien nét iets meer mogelijk was geweest. Iets meer aandacht, iets meer initiatief.

Hoe anders verliep het bij Morris. Daar werd zaterdag het laatste competitieduel in fase 3 gespeeld. Helaas opnieuw zonder succes. Een ruime nederlaag, en daarmee een fase zonder overwinning. Dat zijn momenten die niet makkelijk zijn, zeker niet voor jonge spelers die vooral willen winnen en plezier maken.

Maar sport leert je ook omgaan met verliezen. Het hoort erbij, hoe cliché dat ook klinkt. Toch blijft het belangrijk om af en toe een overwinning te pakken. Gewoon, omdat het leuk is. Omdat het energie geeft. Omdat het laat zien dat al dat trainen ergens toe leidt. Laten we hopen dat fase 4 daar verandering in brengt.

Alsof dat nog niet genoeg was, stond twee dagen later ook het schoolvoetbal op het programma. Een andere setting, andere teamgenoten, andere dynamiek. Maar ook daar zat het niet mee. Met spelers die misschien iets minder bezeten zijn van het spel, bleek het lastig om tot resultaat te komen. En dat is ook weer zo’n lesmoment: voetbal speel je samen, maar niet iedereen beleeft het op dezelfde manier.

En toen, midden in de week, kwam daar ineens dat telefoontje. Zo’n moment dat precies laat zien waarom dit ‘digitale plakboek’ zo waardevol is. “Opa, wat is jouw record balletje hooghouden?” Een simpele vraag, maar eentje met betekenis.

Natuurlijk vroeg dat om een eerlijk antwoord. Geen overdrijving, geen stoerdoenerij. Gewoon zoals het was. En ja, ik moet toegeven: vroeger beheerste ik het hooghouden meer dan goed. Mijn record, ergens rond mijn vijftiende, lag rond de duizend keer.

Dat vertelde ik hem dus. En wat blijkt? Op negenjarige leeftijd zit Morris al op 357 keer. Dat zijn cijfers waar je stil van wordt. Niet alleen vanwege het aantal, maar vooral vanwege de toewijding die erachter zit. Het werd een mooi gesprek. Over techniek, over concentratie, over blijven doorgaan. Over hoe je de bal moet ‘voelen’. Dat zijn de momenten die goud waard zijn. Niet langs de lijn, maar juist op afstand, in een simpel telefoongesprek.

En terwijl dat gesprek zich ontvouwde, dacht ik ook aan Tim. Drie jaar jonger, een andere ontwikkeling, andere kwaliteiten. Waar Morris zich misschien onderscheidt in techniek en doorzettingsvermogen, zie ik bij Tim weer andere dingen ontstaan. En ik kijk ernaar uit om ook met hem dit soort gesprekken te voeren. Want uiteindelijk ontwikkelt ieder kind zich op zijn eigen manier.

En dan, alsof het voetbalweekje nog een laatste verrassing in petto had, kwam er terloops nog een opmerking voorbij: we doen mee aan een paastoernooi op Paasmaandag. .Een paastoernooi. Iets wat je normaal gesproken allang op de radar hebt. Maar nergens in onze regio iets over gehoord, gelezen of gezien.

Wat ik daarvan vind? Laat ik het netjes houden: het roept vragen op. Want juist dit soort toernooien zijn belangrijk. Voor plezier, voor ervaring, voor verbondenheid. Het zou mooi zijn als dat soort initiatieven ook in onze regio wat meer zouden zijn , zodat meer kinderen ervan kunnen genieten. Maar goed, zoals zo vaak in het jeugdvoetbal: het is niet perfect. En misschien is dat juist ook de charme. En ergens, tussen al die tegenstellingen van deze week, blijft één ding overeind: het plezier in het spel. Bij Morris, bij Tim, en ,als ik eerlijk ben, ook nog steeds een beetje bij opa die het record echt niet meer gaat verbreken…..