Jenne Mollema :Een icoon dat Zeester kleur en warmte gaf

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Hall of Fame

Op 31 maart 2018 overleed, op 74-jarige leeftijd, en bijna op zijn geliefde sportpark Toercamp, Jenne Mollema. Met zijn overlijden verloor Zeester een van de grootste clubiconen uit haar rijke geschiedeni, een man die in één adem genoemd mag worden met Rommie Dijkstra, Remmelt Zuidersma en Albert Nauta. Jenne wás Zeester. Misschien niet luid, nooit op de voorgrond, maar altijd aanwezig. Altijd betrouwbaar. Altijd betrokken.

jenneee

De vrijwilliger zoal iedere club die wenst

Meer dan dertig jaar lang zette Jenne Mollema zich als vrijwilliger in voor de vereniging. Hij vervulde vele taken en die van consul paste hem als een jas. Met een duidelijke blik en nuchtere wijsheid oordeelde hij over de bespeelbaarheid van de velden. Als consul Mollema zei dat er gevoetbald kon worden, dan wist iedereen dat het écht kon. En wanneer hij afgelaste wedstrijden noodzakelijk vond, werd dat zonder morren geaccepteerd, zo groot was zijn gezag, en zo zuiver was zijn oordeel. Ook in oplossingen denken was iets wat absoluut bij hem paste :
“Als je de trainingsvormen een beetje verdeelt, dan kan het wel,”was een opmerking waar je als trainer wat mee kon en ..waar je je aan hield
En zijn legendarische relativering, “Het is een voetbalveld, geen gazon,” klinkt op Toercamp nog altijd na als een opmerking die je met een glimlach aan Jenne terug doet denken

De stille supporter

Jenne was supporter van de club, maar vooral van zijn kinderen: Elly, Grietje en Arno. Nooit was hij een schreeuwende vader langs de lijn, maar één die in stilte genoot, zoals alleen iemand met zijn karakter dat kon. Zijn aanwezigheid was genoeg; zijn trots sprak vanzelf.

Het warme hart van de kantine

Samen met zijn echtgenote Trijn, bij het damesteam liefkozend ‘Tante Trijn’ genoemd,beheerde hij jarenlang de kantine. Wie er binnenstapte voelde het meteen: warmte. Niet door de verwarming, maar door de mensen die er stonden. Een kantine is vaak het hart van een club; bij Zeester klopte dat hart dankzij het echtpaar Mollema.

De materiaalkamer zoals je die nergens anders zag

Er was nog iets dat Jenne bijzonder maakte: zijn ongeëvenaarde zorg voor het materiaal. Wie jarenlang sportparken bezoekt, weet dat een materiaalhok meestal… een hok is. Maar niet bij Zeester.
Bij Jenne lagen de ballen keurig in de rekken, hesjes waren netjes uitgehangen en pionnen bijna op kleur gestapeld. Het woord “materiaalhok” deed hem tekort; het was een materiaalkamer in de meest respectvolle zin, een plek waar een man met liefde voor zijn club talloze uren doorbracht.

Alleen op Toercamp, alleen met zijn gedachten

Na het overlijden van zijn clubmaten Albert, Remmelt en Rommie vertelde Jenne mij , toen ik bij hem was voor een interview in de Ommelander Courant dat hij graag alleen op Toercamp was.
Alleen, maar tegelijk omringd door herinneringen aan de drie vrienden met wie hij lief en leed van Zeester had gedeeld. De vier mannen vormden een fundament onder de vereniging, een fundament waarop Zeester nog altijd staat.

Een icoon dat nooit icoon wilde zijn

Misschien wilde Jenne nooit op de voorgrond treden. Misschien wist hij niet hoe groot zijn betekenis werkelijk was. Maar in het geheugen van Zeester, in de verhalen die rondgaan is zijn plek onmiskenbaar.

Jenne Mollema behoort tot de grootste clubiconen die Zeester heeft gekend.
Een man van daden, niet van woorden.
Een man van eenvoud, betrouwbaarheid en warmte.
Een man die Zeester mooier maakte.