Stelling: De bondscoach van het Nederlands Elftal moet altijd een Nederlander zijn

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Even na praten

 


,,De bondscoach van het Nederlands Elftal moet altijd een Nederlander zijn." Het is een stelling die regelmatig terugkomt zodra Oranje een teleurstellend toernooi achter de rug heeft. Ook na de recente afgang van het Nederlands elftal op het WK laaide de discussie direct weer op. Ronald Koeman stapte op en vrijwel onmiddellijk begon de zoektocht naar een opvolger. In de media passeerden tal van namen de revue. Arne Slot, Peter Bosz, Erik ten Hag en Sarina Wiegman werden genoemd, maar ook één buitenlandse naam bleef hardnekkig rondzingen: Pep Guardiola.
logo


Die discussie bracht een interessante vraag naar boven. Is de nationaliteit van een bondscoach werkelijk belangrijk? Of moet kwaliteit altijd de doorslag geven? Voor mij is het antwoord duidelijk. De KNVB moet niet kijken naar het paspoort van een trainer, maar naar zijn kwaliteiten, voetbalvisie en vermogen om het maximale uit een spelersgroep te halen. Als de beste kandidaat toevallig uit Spanje, Duitsland of de Faeröer eilanden komt, dan moet dat geen enkel probleem zijn.

Wanneer ik naar de genoemde namen kijk, zijn mijn persoonlijke favorieten Pep Guardiola en Peter Bosz. Dat is geen toeval. Beiden zijn trainers die het voetbal spelen zoals ik het graag zie. Dominant, aanvallend, verzorgd en met lef. Bovendien zijn het trainers die sterk zijn beïnvloed door de voetbalfilosofie van Johan Cruijff. Dat is precies de manier waarop Nederland volgens mij hoort te voetballen ipv dat ‘tikkie breed”-geneuzel

Peter Bosz heeft de afgelopen jaren bewezen dat hij een toptrainer is. Zijn ploegen spelen herkenbaar voetbal, zetten hoog druk en proberen altijd de wedstrijd te dicteren. Natuurlijk heeft hij ook kritiek gekregen, vooral omdat zijn teams soms kwetsbaar zijn in de omschakeling. Maar liever zie ik een ploeg die probeert te winnen dan een elftal dat negentig minuten afwacht.

Pep Guardiola staat wat mij betreft nog een trede hoger. Hij behoort simpelweg tot de absolute wereldtop. Vrijwel overal waar hij heeft gewerkt, heeft hij prijzen gewonnen én een duidelijke voetbalidentiteit achtergelaten. Zijn ploegen domineren wedstrijden, ontwikkelen spelers en spelen aantrekkelijk voetbal. Guardiola is veel meer dan een succesvolle trainer; hij is een voetbaldenker die het moderne voetbal blijvend heeft beïnvloed. Juist daarom vind ik het vreemd dat sommige mensen hem zouden afwijzen puur omdat hij geen Nederlander is. Waarom zou dat een bezwaar zijn? Als je als bond de ambitie hebt om wereldkampioen of Europees kampioen te worden, dan moet je toch altijd streven naar de allerbeste kandidaat? Nationaliteit zou daarin geen enkele rol mogen spelen. Sterker nog, in veel landen is het heel normaal om een buitenlandse bondscoach aan te stellen. Engeland werkte jarenlang met de Zweed Sven-Göran Eriksson en later met de Italiaan Fabio Capello. België boekte onder de Spanjaard Roberto Martínez jarenlang uitstekende resultaten en bereikte zelfs de nummer één positie op de FIFA-wereldranglijst. Ook landen als Japan, Zuid-Korea, Griekenland, Rusland en diverse Afrikaanse landen hebben regelmatig buitenlandse bondscoaches gehad zoals ook de Nederlanders Guus Hiddink en Dick Advocaat Waarom zou Nederland zichzelf dan beperken?

Vaak wordt als argument aangevoerd dat een Nederlandse bondscoach de cultuur beter begrijpt, de taal spreekt en weet wat het Oranjegevoel inhoudt. Dat klinkt logisch, maar uiteindelijk draait topsport om prestaties en niet dat ze weten dat Snollebol Rob Kemps als een leip van links naar rechts springt. Een goede trainer weet zich aan te passen aan een cultuur en haalt het maximale uit zijn spelers. Bovendien werken vrijwel alle internationals tegenwoordig dagelijks met buitenlandse trainers bij hun clubs. Voor hen is dat allang geen bijzonderheid meer.

Persoonlijk zou mijn voorkeur overigens nog steeds uitgaan naar Peter Bosz als een Nederlandse kandidaat gezocht wordt. Hij past qua voetbalvisie uitstekend bij de Nederlandse traditie en heeft voldoende ervaring om een nationale ploeg te leiden. Arne Slot zou voor mij de tweede Nederlandse optie zijn. Hij heeft zich ontwikkeld tot een uitstekende trainer met een duidelijke speelstijl en weet spelers beter te maken.

Erik ten Hag zie ik eerlijk gezegd niet als de juiste keuze. Hoewel hij bij Ajax grote successen heeft geboekt, vind ik dat hij als bondscoach de uitstraling mist die nodig is om een nationale ploeg te leiden. Daarnaast heeft zijn periode in het buitenland laten zien dat zijn aanpak niet overal even goed werkt. Ook Sarina Wiegman zie ik op dit moment niet als een serieuze kandidaat voor Oranje. Haar prestaties in het vrouwenvoetbal zijn indrukwekkend en verdienen veel respect, maar dat betekent niet automatisch dat zij de beste keuze is voor het Nederlands mannenelftal. Uiteindelijk draait het om één vraag: wil je als KNVB de beste trainer aanstellen of wil je koste wat kost vasthouden aan een traditie? Voor mij is het antwoord simpel.

Voetbal is al lang geen nationale aangelegenheid meer. Spelers, trainers en clubs bewegen zich over de hele wereld. Grenzen vervagen en kwaliteit wordt steeds belangrijker. Waarom zou een bond zichzelf dan beperken tot kandidaten met een Nederlands paspoort?

Mijn conclusie is dan ook helder. Ik ben het oneens met de stelling dat de bondscoach van het Nederlands Elftal altijd een Nederlander moet zijn. De KNVB moet kiezen voor de beste trainer die beschikbaar is. Is dat een Nederlander? Prima. Komt die trainer uit Spanje, Duitsland of een ander voetballand? Dan moet dat eveneens geen enkel probleem zijn. Kwaliteit hoort altijd op nummer één te staan. Nationaliteit is uiteindelijk slechts een detail.