Principes zijn geen hobby – daarom is ons WK klaar
Niemand zal er wakker van liggen. Er zal geen protestmars worden georganiseerd en de FIFA zal er al helemaal geen spoedvergadering voor beleggen. Maar onze wekelijkse WK-praat, de inmiddels vaste gesprekken tussen Jan en ondergetekende, stopt. Niet omdat het toernooi voorbij is. Niet omdat we ruzie hebben. En ook niet omdat het voetbal ineens slecht is geworden. We stoppen omdat er een grens is bereikt.

In een tijd waarin werkelijk alles wordt gerelativeerd, waarin ieder schandaal na twee dagen alweer is vervangen door een nieuw schandaal, klinkt dat misschien ouderwets. Principes zijn immers uit de mode. Ze zijn lastig, ongemakkelijk en kosten soms iets. Toch zijn ze het enige dat overeind blijft als alle belangen, miljoenen en mooie praatjes over tafel vliegen. Ons gesprek begon eigenlijk heel onschuldig. Het ging over principes. Over kleine dingen misschien, maar juist die kleine dingen zeggen vaak het meest over iemand.
Zo zal er op de Peperweg 7 na negen uur 's avonds echt wereldnieuws moeten gebeuren voordat de televisie nog aangaat. Niet omdat ik geen sportliefhebber ben, maar omdat er voor mij ook een leven bestaat buiten het scherm. Nieuws kan ook de volgende ochtend worden gelezen.
Hetzelfde geldt voor bestuurskamers en kantines na een wedstrijd. Als verslaggever meld je je vooraf even netjes. Dat hoort zo. Maar na afloop heb je daar niets meer te zoeken. Journalisten die direct na het laatste fluitsignaal tussen bestuurders, sponsors en beleidsmakers gaan hangen om nog even "gezellig" een drankje te doen of een balletje mayo wegkauwen, moeten zich eens afvragen voor wie ze eigenlijk werken. Afstand houden is geen arrogantie. Het is onafhankelijkheid.
Tijdens ons gesprek bleek dat Jan ook zo zijn principes heeft. Niet veel. Niet overdreven. Maar wel een paar waar niet aan wordt getornd. En toen kwam Donald Trump. Alleen al die zin klinkt alsof iemand een slechte satire heeft geschreven. Maar nee, dit is de werkelijkheid van 2026. Volgens de berichten was de rode kaart van de Amerikaanse spits Folarin Balogun ineens van tafel. Niet na een beroepsprocedure. Niet na nieuwe beelden. Niet omdat de scheidsrechter een fout had gemaakt.
Nee. Omdat Donald John Trump even contact had opgenomen met FIFA-voorzitter Gianni Infantino.
Even een telefoontje. Even regelen. En de topscorer van de Verenigde Staten kan gewoon aantreden tegen België. Laat die woorden nog maar eens rustig binnenkomen. De president van een land bemoeit zich met een disciplinaire straf tijdens een wereldkampioenschap voetbal. De voorzitter van de FIFA schijnt vervolgens bereid te zijn daarin mee te bewegen. Als dit waar is, hoef je eigenlijk nergens meer over te discussiëren. Dan is het voetbal niet langer een sport waarin regels voor iedereen gelden. Dan is het een toneelstuk waarin macht bepaalt wie er speelt en wie niet. En dat is precies het moment waarop principes belangrijk worden.
Jan was glashelder. "Ik kijk niet meer." Geen groot gebaar. Geen theater. Gewoon klaar. Eerlijk gezegd volgde hij het WK al veel intensiever dan ik. Zelf beperk ik me tot een rondje langs de digitale kranten in de ochtend. Ik lees de uitslagen, bekijk de opvallende momenten en geloof het daarna wel. Misschien word ik ouder. Misschien realistischer. Of misschien ben ik simpelweg minder bereid om alles maar voor lief te nemen wat er op TV rond wordt geslingerd Want hoe vaak hebben we inmiddels niet gehoord dat de FIFA zegt voor eerlijkheid, integriteit en sportiviteit te staan?
Hoe vaak zijn er prachtige campagnes geweest over respect? Hoe vaak moesten spelers, clubs en supporters zich houden aan regels die zogenaamd voor iedereen hetzelfde waren? Blijkbaar geldt dat alleen zolang de verkeerde persoon niet belt.
Het gevaar zit hem niet eens in deze ene gebeurtenis. Het gevaar zit in de acceptatie. Er zullen ongetwijfeld mensen zijn die zeggen dat het allemaal wel meevalt. Dat het nog niet bewezen is. Dat topsport nu eenmaal politiek is. Dat Trump nu eenmaal Trump is. Dat Infantino altijd al graag met wereldleiders op de foto gaat.
Precies daar begint het! Want als je iedere uitzondering goedpraat, bestaan er uiteindelijk geen regels meer. Dan kun je ook niet meer boos worden als jouw club wordt benadeeld. Dan hoef je niet meer te klagen over een scheidsrechter. Dan heeft een VAR helemaal geen zin meer. Dan bepaalt uiteindelijk degene met de meeste invloed wat er gebeurt. En dat heeft niets meer met sport te maken.
Voetbal is groot geworden omdat de regels voor iedereen hetzelfde waren. Op een modderig amateurveld in Groningen gelden dezelfde spelregels als tijdens een WK-finale. Dat idee maakt sport eerlijk.
Tenminste... dat dachten we. Misschien zijn we naïef geweest. Misschien is het allang niet meer zo. Misschien hebben we jarenlang gekeken naar een wereld waarin macht belangrijker was dan rechtvaardigheid. Maar als dat zo is, moet je jezelf één vraag stellen. Blijf je kijken? Iedereen moet dat voor zichzelf beantwoorden. Wij hebben dat ook gedaan en een beslissing genomen
Natuurlijk gaan Jan en ik gewoon door met onze gesprekken. Daar verandert niets aan. Het voetbal blijft immers prachtige verhalen opleveren. Clubs blijven zichzelf verbazen. Bestuurders blijven bijzondere besluiten nemen. Scheidsrechters blijven discutabele keuzes maken. En supporters blijven onderdeel van de sport. Daar zullen we ons over blijven verbazen. Daar zullen we om blijven lachen. En soms zullen we ons er flink kwaad over maken.
Maar het WK? Dat boek is dicht. Niet uit boosheid. Niet uit teleurstelling. Maar uit principe. En principes zijn tegenwoordig misschien zeldzaam geworden. Juist daarom zijn ze de moeite waard om vast te houden.