Eenrum geeft het juiste voorbeeld: durf om te kiezen voor het kind in plaats van de kalender
In het steeds veranderende jeugdvoetballandschap, waar competities worden opgedeeld in fases en waar het seizoen bijna het hele jaar rond lijkt te lopen, ontstaat er een groeiend gevoel van onbehagen bij velen. Vooral bij de allerjongsten, de JO7-spelers die vaak nog maar zes jaar oud zijn ,wordt de druk op de kalender steeds zichtbaarder. Fasevoetbal kan voordelen hebben, maar de logica van een derde fase midden in de wintermaanden is voor velen al lang zoekgeraakt.

Tegen die achtergrond kwam er op het artikel op Puurvoetbalonline een prachtige, verrassend heldere én moedige reactie vanuit voetbalvereniging Eenrum. Waar veel clubs zich neerleggen bij de competitieplanning van bovenaf, durft Eenrum al drie jaar achtereen bewust zijn eigen koers te varen. Hun besluit: de JO7 níet laten deelnemen aan Fase 3. En vooral: kiezen voor het welzijn van het kind.
Kinderen vinden wél leuk dat ze meer op niveau spelen door fases,
Maar ze vinden níet leuk dat er geen winterstop meer is.
En dat het seizoen eind mei al klaar is, waardoor er in juni geen wedstrijden meer overblijven,
Terwijl een echte zaalcompetitie, zoals de vroegere Wintercup, door de volle weekenden al niet meer mogelijk is.
Voor een JO7-speler is wintervoetbal simpelweg te koud, te nat en vaak te zwaar. Waar volwassenen of oudere jeugd het misschien nog als uitdaging zien, haken de jongste voetballers vaak af door ongemak. Ouders staan te kleumen langs de lijn, kinderen kunnen nauwelijks hun veters vastpakken met bevroren vingers en het plezier, het fundament van jeugdvoetbal,verdwijnt.
Eenrum begrijpt dat. Zodra het te koud wordt, verhuist de jeugd naar de zaal. Niet omdat het moet, maar omdat het beter is. Beter voor het spelplezier, beter voor de ontwikkeling en simpelweg beter voor het kind.
In april fris aansluiten in Fase 4
De keuze om in april pas weer aan te sluiten voor Fase 4 is even simpel als doeltreffend. Dan zijn de kinderen fris, gemotiveerd en hebben ze weer zin om naar buiten te gaan. Laat de JO7 dan maar lekker spelen, lachen en leren. Zo hoort het.
Dat lijkt een detail, maar het is een wereld van verschil.
Een zesjarige functioneert nu eenmaal anders dan een JO17-speler. Jongere kinderen hebben rust nodig, ritme, en ouders hebben soms broers of zussen weg te brengen. Maar bovenal: geen enkel kind voetbalt graag in de ochtendkou terwijl het slaapzand nog in de ooghoeken zit. Eenrum toont hiermee een vorm van logisch denken die verrassend schaars is geworden: kijk naar het kind en niet naar het wedstrijdprogramma.
“Dit past niet bij onze visie.”
“Dit is niet goed voor onze kinderen.
“Wij doen het anders.”
Eenrum durft dat. En daarmee laten ze zien dat gezond verstand, liefde voor de jeugd en durf om tegen de stroom in te gaan, nog steeds bestaat in het amateurvoetbal.
Chapeau voor Eenrum. Een club die het kind wél centraal zet. Een club die begrijpt dat koesteren begint bij keuzes durven maken.

Tegen die achtergrond kwam er op het artikel op Puurvoetbalonline een prachtige, verrassend heldere én moedige reactie vanuit voetbalvereniging Eenrum. Waar veel clubs zich neerleggen bij de competitieplanning van bovenaf, durft Eenrum al drie jaar achtereen bewust zijn eigen koers te varen. Hun besluit: de JO7 níet laten deelnemen aan Fase 3. En vooral: kiezen voor het welzijn van het kind.
“Plezier boven alles” – Eenrum geeft het voorbeeld
Jeugdcommissielid Christina Prins verwoordde het treffend:“Wij als vereniging trekken onze JO7 bewust al terug uit de 3e fase. Dit doen we nu voor de 3de jaar. Tevens, wanneer het echt te koud wordt, gaan ze de zaal in om te trainen. Het is de toekomst van je vereniging en daar moet je energie in steken. En plezier bovenaan zetten.”Het is een uitspraak die eigenlijk vanzelfsprekend zou moeten zijn, maar die in de praktijk nauwelijks meer voorkomt. Want hoe vaak hoor je tegenwoordig niet dat teams, ook de jongste, “gewoon moeten spelen”, omdat het nu eenmaal zo gepland is? Bij Eenrum denken ze juist andersom: eerst het kind, dan de kalender.
Waarom een winterstop voor JO7 wél logisch is
Christina gaf nog meer waardevolle punten aan:Kinderen vinden wél leuk dat ze meer op niveau spelen door fases,
Maar ze vinden níet leuk dat er geen winterstop meer is.
En dat het seizoen eind mei al klaar is, waardoor er in juni geen wedstrijden meer overblijven,
Terwijl een echte zaalcompetitie, zoals de vroegere Wintercup, door de volle weekenden al niet meer mogelijk is.
Voor een JO7-speler is wintervoetbal simpelweg te koud, te nat en vaak te zwaar. Waar volwassenen of oudere jeugd het misschien nog als uitdaging zien, haken de jongste voetballers vaak af door ongemak. Ouders staan te kleumen langs de lijn, kinderen kunnen nauwelijks hun veters vastpakken met bevroren vingers en het plezier, het fundament van jeugdvoetbal,verdwijnt.
Eenrum begrijpt dat. Zodra het te koud wordt, verhuist de jeugd naar de zaal. Niet omdat het moet, maar omdat het beter is. Beter voor het spelplezier, beter voor de ontwikkeling en simpelweg beter voor het kind.
In april fris aansluiten in Fase 4
De keuze om in april pas weer aan te sluiten voor Fase 4 is even simpel als doeltreffend. Dan zijn de kinderen fris, gemotiveerd en hebben ze weer zin om naar buiten te gaan. Laat de JO7 dan maar lekker spelen, lachen en leren. Zo hoort het.
Meer respect voor de biologische klok van een zesjarige
Wat Eenrum daarnaast bijzonder maakt, is dat ze niet alleen kijken naar de wintermaanden. Ook in Fase 1 en 2 wordt rekening gehouden met de jongste jeugd. Waar in veel steden en dorpen JO7-teams al om half negen of negen uur ’s morgens aan moeten treden, speelt de JO7 van Eenrum pas vanaf 11.00 uur.Dat lijkt een detail, maar het is een wereld van verschil.
Een zesjarige functioneert nu eenmaal anders dan een JO17-speler. Jongere kinderen hebben rust nodig, ritme, en ouders hebben soms broers of zussen weg te brengen. Maar bovenal: geen enkel kind voetbalt graag in de ochtendkou terwijl het slaapzand nog in de ooghoeken zit. Eenrum toont hiermee een vorm van logisch denken die verrassend schaars is geworden: kijk naar het kind en niet naar het wedstrijdprogramma.
Het voorbeeld dat navolging verdient
Het is bijna ironisch dat dit soort keuzes, die eigenlijk vanzelfsprekend zouden moeten zijn – tegenwoordig zeldzaam zijn. Te veel clubs volgen de planning van de bond zonder kritische blik. Maar kinderen zijn geen poppetjes die je van oktober tot juni in een faseprogramma kunt duwen. Ze zijn de toekomst van de vereniging, zoals Christina terecht zei. En die toekomst heeft warmte, plezier, bescherming en aandacht nodig. Niet per se méér wedstrijden, maar betere keuzes.Eenrum begrijpt het. Dat verdient een groot compliment.
Het mooie aan dit verhaal is dat het laat zien dat het wél kan. Een club kan wél zeggen:“Dit past niet bij onze visie.”
“Dit is niet goed voor onze kinderen.
“Wij doen het anders.”
Eenrum durft dat. En daarmee laten ze zien dat gezond verstand, liefde voor de jeugd en durf om tegen de stroom in te gaan, nog steeds bestaat in het amateurvoetbal.
Chapeau voor Eenrum. Een club die het kind wél centraal zet. Een club die begrijpt dat koesteren begint bij keuzes durven maken.