Laat kinderen voetballen en vooral fouten maken!

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

 

In de rust werd de wedstrijd besproken en kreeg iedereen een duidelijke taak mee voor de tweede helft. En bij een ander team klonk langs de lijn de duidelijke opdracht: ‘Daar geen balverlies lijden!’

515442054 24178173598489282 4981330284453131560 n 1 1



Het bovenstaande las en hoorde ik afgelopen weekend. Het eerste was een gedeelte uit een wedstrijdverslag van een O9-team. Het tweede was een uitspraak van een begeleider tijdens een wedstrijd tussen twee O8-teams. En eerlijk gezegd, mijn voetbalhart begon daar behoorlijk van te huilen.

Kinderen van acht jaar die in de rust opdrachten meekrijgen voor de tweede helft. Een speler van een O8-team die te horen krijgt dat hij vooral geen balverlies mag lijden. Ik vraag mij dan werkelijk af: waar zijn de mensen die deze begeleiders eens stevig aan de mouw trekken? Waar zijn de trainerscoördinatoren, de technische commissies en de mensen binnen verenigingen die erop toezien dat we op een verantwoorde manier met onze jongste jeugd omgaan? Want laten we één ding vooropstellen: we hebben het hier over kinderen van zes, zeven en acht jaar. Kinderen die nog volop bezig zijn om het voetbalspel te ontdekken. Kinderen die moeten leren wat het betekent om samen te spelen, een bal aan te nemen, een tegenstander voorbij te gaan en misschien wel voor het eerst een wedstrijd te spelen. En juist in die leeftijdscategorie zouden plezier, ontdekken en onbevangen voetballen centraal moeten staan.

Natuurlijk moet een trainer of begeleider kinderen helpen om zich te ontwikkelen. Natuurlijk mag je ze iets leren en ze af en toe een aanwijzing geven. Daar is helemaal niets mis mee. Sterker nog, dat is een belangrijk onderdeel van het jeugdvoetbal. Maar er is een groot verschil tussen kinderen begeleiden en kinderen vertellen wat ze allemaal moeten doen en vooral wat ze niet mogen doen.

Een opdracht meegeven aan een kind van acht jaar met de bedoeling dat het de tweede helft op een bepaalde manier gaat voetballen, vind ik al een bedenkelijke ontwikkeling. Maar een speler van die leeftijd nadrukkelijk vertellen dat hij geen balverlies mag lijden, vind ik nog veel erger. Want wat vertel je zo'n kind eigenlijk?

Je vertelt hem dat fouten maken niet mag. Dat hij vooral voorzichtig moet zijn. Dat hij de bal maar beter snel kan afspelen in plaats van zelf eens een actie te proberen. En misschien nog wel het belangrijkste: je neemt een stukje plezier en onbevangenheid weg bij een kind dat juist alle ruimte moet krijgen om het spel te ontdekken.

Wat is er immers mis mee als een speler van acht jaar een tegenstander probeert uit te spelen en daarbij de bal verliest? Helemaal niets! Sterker nog, dat is precies wat we graag zouden moeten zien. Een kind dat initiatief neemt, durft te voetballen en niet bang is om iets te proberen.

Natuurlijk zal die actie niet altijd lukken. Maar dat hoeft ook helemaal niet. Van iedere mislukte actie kan een kind iets leren. Misschien moet hij de volgende keer de bal iets beter meenemen, misschien moet hij eerder kijken of misschien ontdekt hij dat een medespeler vrijstaat. Dat leerproces ontstaat alleen wanneer een kind de vrijheid krijgt om fouten te maken.

En daar ligt volgens mij precies de taak van een goede jeugdbegeleider. Niet langs de lijn roepen dat er geen balverlies geleden mag worden, maar een kind stimuleren om het de volgende keer opnieuw te proberen. Niet boos worden wanneer een actie mislukt, maar juist waardering tonen voor het initiatief dat de speler heeft genomen.

Ik kan vanuit mijn eigen ervaring als jeugdtrainer deze begeleiders één ding vertellen: er valt voor hen nog heel wat te leren over het omgaan met jonge kinderen. Want jeugdtrainer zijn betekent veel meer dan een paar voetbaloefeningen bedenken, een opstelling maken en tijdens de wedstrijd aanwijzingen geven.

Het betekent vooral dat je begrijpt met welke leeftijdsgroep je werkt. Dat je weet wat kinderen op die leeftijd nodig hebben en dat je beseft dat hun ontwikkeling veel belangrijker is dan het resultaat van een wedstrijd.

Het lezen van het wedstrijdverslag van het O9-team deed mij even denken dat ik een verslag van een wedstrijd van minimaal een O15-team aan het lezen was. Zoveel nadruk op opdrachten en tactische aanwijzingen bij kinderen die nog maar net aan het ontdekken zijn wat voetbal allemaal inhoudt. En toen ik de uitspraak hoorde: ‘Daar geen balverlies lijden!’, moest ik even denken dat ik Peter Bosz langs de lijn hoorde. Maar nee, het was toch echt een begeleider van een O8-team.

Natuurlijk begrijp ik dat veel begeleiders het goed bedoelen. Ze zijn enthousiast, steken tijd in hun team en willen graag dat hun spelers beter worden. Dat waardeer ik absoluut. Maar goede bedoelingen zijn niet altijd voldoende. Je moet ook weten hoe je kinderen op de juiste manier begeleidt. En soms betekent dat juist dat je je mond moet houden en de kinderen zelf moet laten ontdekken.

Laat ze voetballen! Laat ze dribbelen, laat ze passen, laat ze schieten en laat ze vooral fouten maken. Geef ze complimenten wanneer ze iets proberen, ook als het niet lukt. Help ze wanneer ze ergens moeite mee hebben en zorg ervoor dat ze met plezier naar de training en wedstrijd blijven komen. Want uiteindelijk willen we toch allemaal hetzelfde? Dat kinderen met een glimlach op hun gezicht het voetbalveld op stappen en dat ze na afloop alweer uitkijken naar de volgende training of wedstrijd.

Daarom trek ik voor mezelf een duidelijke conclusie: er ligt voor de docenten en opleiders binnen de KNVB nog een enorme hoeveelheid werk. En ook binnen de verenigingen zelf zal er kritisch gekeken moeten worden naar de manier waarop we onze jongste jeugd begeleiden.

Trainers en begeleiders van de O6-, O7-, O8- en O9-teams moeten zich realiseren dat zij niet bezig zijn met het opleiden van kleine profvoetballers. Ze begeleiden kinderen die plezier moeten krijgen in het spelletje en die de kans moeten krijgen om zich op hun eigen tempo te ontwikkelen.

Misschien wordt het tijd dat verenigingen daar eens wat meer aandacht aan besteden. Niet alleen door trainers cursussen aan te bieden, maar ook door tijdens wedstrijden te kijken hoe begeleiders met hun spelers omgaan. En door ze, waar nodig, aan te spreken op hun gedrag en manier van coachen. Want we kunnen op papier nog zoveel mooie plannen maken over plezier, ontwikkeling en positief coachen, maar uiteindelijk gaat het om wat er daadwerkelijk op het voetbalveld gebeurt.

En zolang kinderen van acht jaar bang moeten zijn om balverlies te lijden en wedstrijdverslagen van de jongste jeugd lezen als verslagen van volwassen voetbalwedstrijden, hebben we nog een lange weg te gaan.

Laat kinderen kind zijn. Laat ze ontdekken, laat ze fouten maken en laat ze vooral genieten van het voetbal. Want een kind dat niet bang is om fouten te maken, durft te voetballen. En daar begint iedere echte voetbalontwikkeling! Daarom huilt mijn voetbalhart niet omdat kinderen fouten maken. Mijn voetbalhart huilt omdat volwassenen soms vergeten dat kinderen juist door die fouten beter worden.