Meedhuizen: dit zag iedereen aankomen, behalve het bestuur

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns





Je kon erop wachten. Echt, je kon er bijna de klok op gelijkzetten. Meedhuizen 1 had een tekort aan spelers en zag zich genoodzaakt de wedstrijd tegen Mussel af te gelasten. Een vervelende situatie? Ongetwijfeld. Maar tegelijkertijd ook een situatie die niet uit de lucht komt vallen. Wie de ontwikkelingen bij de club de afgelopen maanden een beetje heeft gevolgd, zal toch moeilijk verbaasd kunnen zijn. Dit is namelijk geen ongelukkige samenloop van omstandigheden, maar het voorspelbare resultaat van een beleid waarbij kennelijk onvoldoende is nagedacht over de dag van morgen.



515442054 24178173598489282 4981330284453131560 n 1 1
Aan het begin van het seizoen leek er nog weinig aan de hand. Met de komst van een nieuwe trainer werden ook een aantal nieuwe spelers binnengehaald. Nieuwe gezichten, nieuwe energie en ongetwijfeld nieuwe verwachtingen. Meedhuizen zou er sportief weer een stap vooruit mee kunnen zetten. Alleen bleek dat fraaie plaatje van bijzonder korte duur. De trainer stapte op, de spelers die via zijn netwerk waren binnengekomen vertrokken eveneens en daar stond Meedhuizen weer. Terug bij af, maar misschien nog wel verder daar vandaan.

Het is een verschijnsel dat je in het amateurvoetbal vaker ziet. Een trainer neemt vanuit zijn eigen netwerk een aantal spelers mee naar een nieuwe vereniging. Op papier ziet dat er allemaal prachtig uit. De selectie krijgt een kwaliteitsimpuls, de trainer heeft zijn vertrouwde mensen om zich heen en iedereen lijkt tevreden. Maar er zit een levensgroot risico aan vast. Wat gebeurt er wanneer die trainer vertrekt? Juist, dan blijkt dat een deel van de selectie niet zozeer voor de vereniging heeft gekozen, maar vooral voor de trainer. En precies daar kan het mis gaan.

Een voetbalvereniging is geen privéproject van een trainer. Het is geen verzameling spelers die je naar eigen inzicht kunt meenemen en vervolgens weer kunt achterlaten wanneer het avontuur voorbij is. Een vereniging is een gemeenschap die vaak al tientallen jaren bestaat, gedragen door vrijwilligers, supporters, bestuursleden en spelers die zich wél aan de club verbonden voelen. Daar hoort een beleid bij dat verder kijkt dan één seizoen en zeker verder dan de ambities van één trainer.

Bij Meedhuizen lijkt die les inmiddels op pijnlijke wijze geleerd te moeten worden. Want wat heb je aan een selectie die op papier voldoende spelers heeft, maar in de praktijk uit elkaar valt zodra de trainer vertrekt? Wat heb je aan nieuwe aanwinsten wanneer de continuïteit volledig afhankelijk blijkt te zijn van één persoon? En belangrijker nog: wie heeft binnen de vereniging eigenlijk de verantwoordelijkheid genomen om over die risico's na te denken? Dat zijn vragen die het bestuur zichzelf daar maar eens stevig moet stellen.

En dan komen we bij het tweede elftal. Want daar zit misschien nog wel een minstens zo interessant verhaal. Wanneer er aan het begin van het seizoen kennelijk geen beroep op deze spelers werd gedaan, waarom zouden zij nu dan ineens als reddingsboei moeten dienen? Je kunt moeilijk verwachten dat spelers die zich eerder niet gewaardeerd of betrokken hebben gevoeld, op het moment dat de nood aan de man is plotseling klaarstaan om de problemen van een ander op te lossen.

Hun reactie, dat het bestuur het zelf maar moet uitzoeken, valt vanuit dat perspectief best te begrijpen. Natuurlijk kun je als vereniging een beroep doen op onderlinge solidariteit. Sterker nog, die solidariteit is juist een van de mooie eigenschappen van het amateurvoetbal. Maar solidariteit werkt twee kanten op. Je kunt niet alleen aan spelers denken wanneer je ze nodig hebt en ze vervolgens aan de kant schuiven wanneer ze niet in het gewenste plaatje passen. Wie zaait, zal oogsten. En soms is de oogst bijzonder bitter.

Moet je dan medelijden hebben met Meedhuizen? Nee, niet automatisch. Natuurlijk is het vervelend voor de tegenstander, de wedstrijdorganisatie en iedereen die zich op een voetbalmiddag heeft verheugd. Die mensen zijn uiteindelijk de dupe van een probleem waar ze zelf geen enkele invloed op hebben. Maar medelijden met een vereniging die kennelijk onvoldoende grip heeft gehad op haar eigen beleid? Dat is een ander verhaal.

Het amateurvoetbal kent nu eenmaal regels en verantwoordelijkheden. Een vereniging schrijft een team in voor een competitie en mag vervolgens worden geacht die competitie ook serieus te nemen. Daar hoort bij dat je voldoende spelers beschikbaar hebt, dat je vooruitkijkt en dat je niet pas begint na te denken over oplossingen wanneer de wedstrijd al voor de deur staat.

En wat gebeurt er nu? Waarschijnlijk volgt er een boete en mogelijk een puntenaftrek. Een financiële tik op de vingers, misschien een sportieve consequentie en vervolgens gaan we weer over tot de orde van de dag. Alsof daarmee het probleem is opgelost. Alsof een vereniging na zo'n sanctie ineens begrijpt dat deelname aan een competitie ook verplichtingen met zich meebrengt. Ik vraag me serieus af of dat voldoende is.

Sterker nog, ik zou de KNVB willen oproepen om in dit soort situaties eens veel nadrukkelijker op te treden. Wanneer een vereniging niet in staat blijkt een team in de A-categorie op de been te brengen, moet daar een consequentie tegenover staan die daadwerkelijk indruk maakt. Niet alleen een boete die ergens in de begroting wordt weggeschreven of een paar punten die later misschien nauwelijks nog van betekenis zijn.

Wat mij betreft mag de maatregel veel harder zijn: haal zo'n team direct uit de competitie wanneer duidelijk is dat de vereniging haar verplichtingen niet kan nakomen. En laat terugkeer niet vanzelfsprekend zijn. Wie aan een competitie begint, moet ook bereid zijn de verantwoordelijkheid te dragen die daarbij hoort.

Want laten we eerlijk zijn: wat voor signaal geef je anders af aan andere verenigingen? Dat je rustig kunt inschrijven, gedurende het seizoen je selectie uit elkaar kunt zien vallen, een wedstrijd kunt afzeggen en vervolgens met een betrekkelijk beperkte straf weer verder kunt? Dan wordt het wel heel gemakkelijk om de gevolgen van slecht beleid af te wentelen op anderen.

Het amateurvoetbal heeft al genoeg te maken met teruglopende aantallen spelers, kleinere selecties en verenigingen die alle zeilen moeten bijzetten om hun teams iedere week op het veld te krijgen. Juist daarom moeten clubs zorgvuldig omgaan met hun mensen. Niet bouwen op luchtkastelen, niet blindvaren op de komst van een trainer met een handvol spelers uit zijn eigen netwerk, maar zorgen voor een stevige basis binnen de eigen vereniging. Meedhuizen heeft op dat vlak een harde les te leren. En die les begint niet bij de KNVB, niet bij de spelers van het tweede elftal en ook niet bij de tegenstander die nu een wedstrijd misloopt. Die les begint in de bestuurskamer.

Want een vereniging runnen betekent vooruitkijken, verantwoordelijkheid nemen en zorgen dat je niet afhankelijk bent van één trainer of een paar spelers die morgen zomaar weer kunnen vertrekken. Een competitie is geen vrijblijvende zaterdagmiddagactiviteit waarbij je alleen meedoet wanneer het toevallig goed uitkomt.

Dus Meedhuizen, kijk vooral eens kritisch in de spiegel. En KNVB, wees niet bang om consequenties te verbinden aan dit soort situaties. Want als slecht beleid slechts een matige straf oplevert, is de kans groot dat het slechte voorbeeld navolging krijgt. En dat is het laatste wat het amateurvoetbal nodig heeft. Wie zijn zaakjes niet op orde heeft, moet niet verwachten dat de rest van de voetbalwereld de rekening betaalt.