Een nederlaag is niet erg als je spelers en team zich ontwikkelen
Het was op de avond van maandag 5 oktober dat ik tijdens het zappen bij het programma Rondo bleef hangen. Aan tafel zaten de redelijk vaste gasten als Ruud Gullit, Khalid Boulahrouz en Youri Mulder. Deze keer was ook Lee-Roy Echteld aangeschoven, de trainer van AZ.

Ik moet eerlijk zeggen dat Echteld voor mij geen trainer was die ik uitgebreid heb gevolgd. Ik ben geen groot volger van ESPN en het kopen van Voetbal International is er bij mij ook al een tijdje geleden . Dat betekent automatisch dat je minder meekrijgt van de visie en werkwijze van trainers die niet wekelijks op je radar staan. Maar na deze uitzending dacht ik: iedere trainer zou deze aflevering moeten zien .Niet omdat Echteld allerlei spectaculaire uitspraken deed. Integendeel. Juist de eenvoud van zijn verhaal sprak mij aan. Hij vertelde op een duidelijke manier over zijn manier van werken en over wat volgens hem belangrijk is in de ontwikkeling van spelers en een team. En toen kwam die ene zin. Het gaat om de ontwikkeling van de speler en het team en dan is een nederlaag niet erg. Ik heb de uitzending de volgende ochtend nog een keer teruggekeken. Niet omdat ik twijfelde of hij dit daadwerkelijk had gezegd, maar omdat die uitspraak bij mij bleef hangen. Want laten we eerlijk zijn: hoe vaak wordt er binnen het jeugdvoetbal precies andersom gedacht Hoe vaak is een overwinning belangrijker dan de ontwikkeling van een kind? Hoe vaak staat een jeugdtrainer langs de lijn alsof er een Champions League-finale op het spel staat? Schreeuwen, aanwijzingen geven, corrigeren en vooral: nog meer aanwijzingen geven. Alsof een kind van tien, elf of twaalf jaar een soort marionet is die vanaf de zijlijn voortdurend bestuurd moet worden.
Soms zie je trainers en begeleiders bijna met schuim op de mond tegen kinderen staan te schreeuwen. “Draai open!” “Niet daar!” “Terug!” “Sneller!” “Pass!” “De bal niet verliezen!” “Wat doe je nou?”
En ondertussen staat er een kind op het veld dat waarschijnlijk vooral probeert te begrijpen wat er in hemelsnaam van hem wordt verwacht. Sommige opdrachten zijn zo ingewikkeld en worden zo vaak achter elkaar gegeven dat een kind er net zoveel van begrijpt als een pinguïn van een fietsband plakken. En dan zijn we verbaasd dat kinderen het plezier verliezen. Misschien moeten we ons als voetbalwereld eens afvragen waar jeugdvoetbal eigenlijk voor bedoeld is. Is het bedoeld om iedere zaterdag drie punten te pakken? Om kampioen te worden met een Onder-11-team? Om ervoor te zorgen dat ouders op maandag op hun werk kunnen vertellen dat zoon of dochter weer heeft gewonnen? Of is jeugdvoetbal bedoeld om kinderen beter te leren voetballen? Voor mij is het antwoord duidelijk en de trainer van AZ bevestigde dat. Natuurlijk wil je winnen. Een kind wil winnen. Een trainer wil winnen. Een team wil winnen. Daar is niets mis mee. Sterker nog: leren omgaan met winnen én verliezen hoort bij sport. Maar winnen mag nooit het doel worden dat ten koste gaat van de ontwikkeling. En precies daar raakt de uitspraak van Echteld wat mij betreft de kern. Een nederlaag is niet erg als je spelers en team zich ontwikkelen.
Sterker nog: soms kan een nederlaag ontzettend leerzaam zijn. Je kunt als trainer besluiten om een team anders te laten spelen. Je kunt spelers op een andere positie zetten. Je kunt een verdediger leren opbouwen in plaats van iedere bal naar voren te schieten. Je kunt een middenvelder meer verantwoordelijkheid geven. Je kunt een aanvaller leren om niet alleen zelf te willen scoren, maar ook anderen beter te laten voetballen. En ja, dan kan het gebeuren dat je verliest. Misschien zelfs met grote cijfers. Maar als een speler daardoor iets leert, als hij de week erop iets beter begrijpt, als het team stappen maakt, dan heeft die nederlaag misschien wel meer waarde gehad dan een overwinning waarin iedereen alleen maar heeft gedaan wat de trainer vanaf de zijlijn opdroeg. Dat vraagt echter wel iets van een trainer. Namelijk geduld en kennis. Maar misschien vooral vertrouwen wat Echteld in zijn ploeg heeft Een jeugdtrainer hoeft niet iedere situatie op te lossen. Sterker nog, soms moet een trainer juist zijn mond houden. Laat een speler zelf nadenken. Laat hem een verkeerde keuze maken. Laat hem ontdekken waarom die keuze niet werkte. Want hoe leert een kind eigenlijk voetballen? Door voortdurend te horen wat het moet doen? Of door zelf situaties te herkennen, keuzes te maken, fouten te maken en daar vervolgens van te leren? Ik weet het antwoord wel. Toch lijkt dat besef langs veel voetbalvelden nog niet doorgedrongen. Daar staan nog steeds trainers die een jeugdwedstrijd behandelen alsof hun eigen carrière ervan afhangt. Alsof een nederlaag op zaterdagmiddag bewijs is dat ze hun werk niet goed doen. Misschien moeten juist die trainers zichzelf eens de vraag stellen: heb ik vandaag mijn team beter laten spelen?
Niet: heb ik gewonnen? Niet: stonden we bovenaan? Maar: zijn mijn spelers vandaag beter geworden? Als het antwoord daarop ja is, kan een nederlaag soms zelfs een mooie overwinning zijn. Daarom mijn tip aan alle jeugdtrainers, begeleiders en eigenlijk iedereen die betrokken is bij jeugdvoetbal: kijk de uitzending van Rondo van maandag 5 oktober terug. Luister naar wat Lee-Roy Echteld vertelt over zijn manier van werken. Niet omdat hij de wijsheid in pacht heeft. Maar omdat zijn woorden ons opnieuw laten nadenken over waar jeugdvoetbal werkelijk om draait.
Om kinderen. Om ontwikkeling. Om plezier. En uiteindelijk om spelers die steeds een beetje beter worden. De uitslag van zaterdag staat maandag alweer in de geschiedenisboeken. De ontwikkeling van een kind kan daarentegen jaren meegaan.
Daar zouden we als jeugdvoetbal veel vaker voor moeten kiezen.