Penaltypolitie

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

 

Er zijn van die momenten waarop je denkt: de wereld staat op sommige plaatsen letterlijk in brand, oorlogen, politieke chaos, stijgende prijzen, klimaatproblemen… en waar maken wij ons in Nederland druk om? De aanloop bij een strafschop.



johan 1

Het WK voor clubs,wat ik persoonlijk nog steeds beschouw als het "WK der Corruptie", kan mij eerlijk gezegd totaal niet bekoren. Maar de nasleep ervan des te meer. Niet vanwege de wedstrijden, maar vanwege het theater eromheen. Want zodra een speler een penalty mist, schuift Nederland massaal aan bij de rechtbank van de publieke opinie. En de officieren van justitie? Dat zijn de ‘analisten’.

Ik belandde gisteren, als korte onderbreking van al het echte nieuws, bij De Oranjezomer. Een programma dat je kunt vergelijken met een zak chips: je weet dat het maar weinig voedingswaarde heeft.

Het onderwerp van gesprek? Niet de tactiek. Niet het positiespel. Niet de fysieke belasting van spelers die dit WK meer wedstrijden spelen dan een amateur in de B-categorie in vijf seizoenen. Nee. De aanloop. Dat bleek ineens het grootste voetbalprobleem van Nederland.

Thomas van Groningen had er een mening over. Hugo Borst uiteraard ook. Noa Vahle keek er kritisch naar. En daarnaast zat nog iemand van wie ik de naam alweer vergeten ben, maar die wel zichtbaar geëmotioneerd was door het feit dat een speler drie extra pasjes zette voordat hij de bal raakte. Ik zat werkelijk met open mond te kijken. Niet naar de penalty. Naar het gesprek. Alsof de oplossing voor het Nederlandse voetbal ligt in het aantal stappen tussen de penaltystip en de bal.

In mijn eigen ‘glorieuze’ voetbalcarrière, en geloof me, de scouts stonden niet bepaald rijen dik langs de lijn, heb ik ook weleens een strafschop genomen.

Ik was linkspoot. Mijn tactiek was simpel. Bal neerleggen. Niet nadenken.

Een paar passen. Links van de keeper. Halfhoog. Binnenkant voet. Klaar.

Geen hupje.Geen dansje. Geen GPS-route. Geen pirouette. Gewoon schieten. En eerlijk is eerlijk: dat werkte voor mij prima.

Maar weet je wat het mooie is? Dat betekent helemaal niets.

Want misschien voelt een ander zich juist prettig bij een aanloop van zes meter. Misschien wil iemand eerst een klein hupje maken. Misschien kijkt een speler eerst drie keer naar de maan voordat hij schiet. Prima. Als jij denkt dat je daarmee de grootste kans hebt om die bal binnen te schieten, vooral doen.

Penalty's worden namelijk niet genomen zoals Hugo Borst of Noa Vahle het wil Het zijn geen kunstrijwedstrijden. Er zijn geen stijlpunten. Niemand krijgt na afloop een 9,4 voor elegantie van de jury. Die bal moet erin. Dat is alles.

Toch lijken sommige analisten ervan overtuigd dat de oorzaak van iedere gemiste penalty ergens tussen pas vier en pas vijf van de aanloop zit. Wonderlijk.

De drie Oranje-internationals die op het WK misten, kregen vervolgens via sociale media alles over zich heen. Ze konden niet voetballen. Ze waren overbetaald. Ze hadden geen karakter. Ze moesten nooit meer een Oranje-shirt aantrekken. Kortom: Nederland draaide weer op volle toeren.

Alsof een gemiste penalty tegenwoordig hetzelfde is als hoogverraad. En dan komen de analisten er nog eens overheen. "Zie je wel, die rare aanloop." Nee. Misschien schoot hij gewoon slecht. Dat gebeurt. Zelfs Lionel Messi mist weleens. Cristiano Ronaldo ook. En geloof het of niet: zelfs Johan Cruijff verloor wedstrijden. Dat heet sport. Maar tegenwoordig moet overal een theorie achter zitten. Een psychologisch model. Terwijl de werkelijkheid vaak heel eenvoudig is.

Hij miste. Punt.

Wat mij vooral fascineert, is dat juist mensen die zelf nooit een WK hebben gespeeld, precies weten hoe je onder maximale druk een strafschop moet nemen. Sterker nog. Sommigen kwamen zelf niet verder dan het derde van Zeemeeuwen '13 op een regenachtig sportpark waar de kantine belangrijker was dan het voetbal. Maar op televisie weten ze exact hoe een speler van honderd miljoen euro zich moet gedragen.

Dat blijft een bijzonder fenomeen. Het mooiste vind ik altijd de zekerheid waarmee zo'n oordeel wordt uitgesproken. "Je moet gewoon…" Dat woordje "gewoon" is goud. Je moet gewoon rustig blijven. Je moet gewoon hard schieten. Je moet gewoon niet nadenken. Je moet gewoon die rare aanloop weglaten. Juist.

Net zoals je "gewoon" even de Tour de France wint door wat harder te fietsen. Of "gewoon" Wimbledon pakt door de bal vaker binnen de lijnen te slaan.

Zo werkt topsport natuurlijk niet. Iedere speler ontwikkelt zijn eigen routine omdat het vertrouwen geeft. En vertrouwen is bij een penalty misschien wel belangrijker dan techniek. Vraag tien topspelers hoe zij een strafschop nemen en je krijgt waarschijnlijk tien verschillende antwoorden. Maar aan tafel weten ze het beter.

Altijd. Dat is ook het verdienmodel van televisie geworden. Niet analyseren.

Oordelen. Zo hard mogelijk. Hoe stelliger, hoe beter. Twijfel verkoopt nu eenmaal geen reclameblokken. En dus wordt iedere gemiste penalty een nationaal debat. Ondertussen trekken de spelers zich er waarschijnlijk bijzonder weinig van aan.

Gelukkig maar. Want als een profvoetballer zijn voorbereiding zou aanpassen op basis van de mening van een talkshowtafel, dan heeft hij een veel groter probleem dan zijn aanloop. Mijn advies aan de analisten is daarom eenvoudig. Maak je wat minder druk. De huidige generatie profvoetballers doet uiteindelijk toch waar ze zelf vertrouwen in hebben. En weet je? Daar hebben ze volledig gelijk in. Want als ik ooit een penalty moet nemen, vraag ik ook niet eerst aan een Thomas van Groningen hoeveel passen ik moet zetten. Ik schiet hem liever zelf naast.