De B-categorie is ziek. En iedereen kijkt de andere kant op.
Ik dacht werkelijk dat ik alles inmiddels wel had gezien. Mis. Na het lezen van het verhaal van Willem Jan Rispens, teamleider én speler van Rood Zwart Baflo, en na een gesprek met een wedstrijdsecretaris die ik al jaren ken, kwam ik tot een pijnlijke conclusie. Ik heb de ellende in de B-categorie al die tijd nog onderschat. Ja, onderschat. En dat zegt wat.

Ik schrijf al jaren dat de B-categorie steeds minder met voetbal en steeds meer met een gedrocht van blijvendheid te maken heeft. Daar kreeg ik nogal eens commentaar op."Je overdrijft.""Zo erg is het niet.""Dat zijn uitzonderingen."
Nee.Het zijn allang geen uitzonderingen meer. Het is het systeem geworden.
Neem Rood Zwart Baflo 3. Voor dat team stonden er veertien competitiewedstrijden op het programma. Veertien. Weet u hoeveel er daadwerkelijk werden gespeeld?
Tien.
Drie keer kwam de tegenstander simpelweg niet opdagen omdat er geen elftal op de been kon worden gebracht en een keer werden ze overrompeld met een schriftelijke zege. En dan moet ik geloven dat clubs dit serieus nemen? Kom op.
Een jaar telt 52 zaterdagen. Van die 52 hoefden spelers in deze competitie maar veertien beschikbaar te zijn. Veertien zaterdagen betekent dat je 38 weekenden vrij bent. Achtendertig. Hoe krijg je het dan in vredesnaam voor elkaar om zelfs die veertien zaterdagen niet geregeld te krijgen? Dat heeft niets met overmacht te maken.
Dat heet desinteresse. En clubs? Die kijken toe. Want het belangrijkste lijkt tegenwoordig niet meer hoeveel spelers je hebt, maar hoeveel leden je op papier kunt presenteren."We hebben 100 senioren."
Mooi. Gefeliciteerd. Maar hoeveel daarvan zijn bereid om gewoon hun afspraken na te komen? Want daar gaat een teamsport uiteindelijk over. Op elkaar kunnen rekenen.
Niet over een appje op vrijdagavond. "Ik ga morgen toch maar niet mee want ‘Truusje’ heeft een bezoek aan IKEA gepland." De vrijblijvendheid heeft gewonnen. En iedereen lijkt het normaal te vinden.
Maar het verhaal van die wedstrijdsecretaris laat pas echt zien hoe diep het probleem zit. De teamleider meldt bij wedstrijdsecretaris dat hij geen team heeft. Wedstrijdsecretaris geeft bij tegenstander aan, maak er maar een BNO van wantwedstrijd is al meerdere keren verplaatst. Nog een keer schuiven heeft geen enkele zin. Dus zegt de wedstrijdsecretaris nogmaals: maak er maar een BNO van.
.
Klaar denk je dan maar dan volgt een voorstel waar iedere sportliefhebber zich kapot voor zou moeten schamen. "Maak er gewoon een 3-0 overwinning voor ons van." Iedereen blij. Wij de punten. Jullie geen puntenaftrek. Probleem opgelost. Behalve dan dat er één klein detail ontbreekt. Er is helemaal niet gevoetbald.
Gelukkig weigerde de wedstrijdsecretaris daaraan mee te werken. Zoals het hoort. Gevolg? Zijn club krijgt alsnog met de administratieve rompslomp te maken, terwijl degene die de wedstrijd laat klappen vaak alweer bezig is met de volgende smoes.
En ondertussen doet bijna niemand alsof dit bijzonder is. Sterker nog. Veel mensen halen hun schouders op. "Zo gaat dat nu eenmaal."
Dat is misschien nog wel het grootste probleem van allemaal. We zijn het normaal gaan vinden. Net zoals we het blijkbaar normaal zijn gaan vinden dat aan het einde van een seizoen ineens spelers opduiken op plekken waar je ze maandenlang niet hebt gezien. Dat er voortdurend verhalen rondgaan over creatieve oplossingen om regels te omzeilen. Dat clubs soms harder bezig lijken met het organiseren van uitzonderingen dan met het organiseren van voetbal. Misschien is niet ieder verhaal waar. Misschien zijn sommige voorbeelden zwaar aangezet. Maar als je jaar in, jaar uit vanuit alle hoeken van het amateurvoetbal dezelfde signalen hoort, dan kun je onmogelijk blijven doen alsof er niets aan de hand is.
En dan de KNVB. Die probeert met regels de boel eerlijk te houden.Prima.
Maar regels zijn waardeloos wanneer niemand zich geroepen voelt om ze serieus te nemen. De bond blijft dweilen terwijl de kraan al jaren wagenwijd openstaat. De echte vraag is allang niet meer hoeveel wedstrijden er worden afgelast. De echte vraag is hoeveel geloofwaardigheid de B-categorie nog over heeft. Want een competitie waarin wedstrijden worden afgezegd alsof het een verjaardagsfeestje is, waarin teams elkaar vragen om administratieve kunstgrepen en waarin vrijblijvendheid de norm is geworden, heeft een probleem. Een groot probleem.
En nee, dat los je niet op met nóg een reglement of nóg een boete. Dat begint bij clubs. Durf eens "nee" te zeggen. Durf spelers aan te spreken. Durf consequenties te verbinden aan gedrag. En spelers? Besef eens dat voetbal een teamsport is. Elf mensen rekenen op elkaar. Niet tien. Niet negen. Elf.
Wie daar geen zin in heeft, moet misschien gewoon stoppen met competitievoetbal. Dat klinkt hard. Dat is het ook. Maar soms is hard precies wat nodig is.
Want zolang iedereen blijft doen alsof dit allemaal wel meevalt, verandert er helemaal niets. Dan blijft de B-categorie precies wat ze steeds vaker is geworden: De categorie van de schele verneukt de blinde!!