Kopieergedrag

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns



“Een linkspoot moet geen strafschop nemen.” Het is een uitspraak van Johan Cruijff die jarenlang is blijven hangen in de voetbalwereld. Afgelopen zaterdag hoorde ik die opmerking opnieuw langs de lijn in Baflo, toen in het duel Rood Zwart Delden -Rood Zwart Baflo een linkspoot een strafschop naast het doel schoot. Dat soort reacties laten mooi zien hoe groot de invloed van bekende voetbalmensen kan zijn. Een uitspraak van Cruijff krijgt al snel de status van waarheid, ook wanneer daar eigenlijk weinig bewijs voor bestaat.

johan 1
Laat ik vooropstellen dat ik het vaak met Cruijff eens ben. Hij zag het voetbal op een manier die veel anderen niet zagen. Zijn ideeën over ruimte, techniek en positiespel hebben het moderne voetbal sterk beïnvloed. Maar juist omdat zijn voetbalvisie zo vaak raak was, worden sommige andere uitspraken bijna automatisch voor waar aangenomen. En daar wringt het soms. De stelling dat linkspoten geen strafschoppen zouden moeten nemen, hoort wat mij betreft in de categorie, onzin.
De redenering achter die uitspraak is dat linkspoten onder druk minder nauwkeurig zouden zijn of statistisch vaker missen. Soms wordt daarbij verwezen naar onderzoeken of voetbalstatistieken. Maar wanneer je kijkt naar de praktijk blijkt dat strafschoppen vooral afhangen van heel andere factoren. De kwaliteit van de nemer, de mentale weerbaarheid, de voorbereiding, de techniek en natuurlijk de keeper spelen een veel grotere rol dan de vraag met welke voet iemand schiet.
Iedereen die voetbal volgt, weet dat zowel links- als rechtspoten strafschoppen missen. Een bal kan verkeerd worden geraakt. Een speler kan uitglijden. Een keeper kan een geweldige redding verrichten. Soms speelt de spanning een rol en soms is het simpelweg pech. Dat heeft weinig te maken met de voorkeur voor links of rechts. Een gemiste strafschop van een linkspoot bewijst niet dat alle linkspoten slechte penaltynemers zijn, net zoals een gemiste strafschop van een rechtspoot niet betekent dat rechtspoten geen strafschoppen meer zouden moeten nemen.
Sterker nog, de geschiedenis van het voetbal kent genoeg uitstekende linkspoten die vanaf elf meter bijzonder succesvol waren. Het zou vreemd zijn om een speler die technisch sterk, koel in het hoofd en zelfverzekerd is, van de strafschopstip weg te houden alleen omdat hij linksbenig is. Uiteindelijk gaat het om kwaliteit en niet om de voet waarmee iemand speelt.

Wat mij vooral fascineert, is hoe zulke uitspraken blijven voortleven. Dat heeft alles te maken met wat ik kopieergedrag noem. In het voetbal worden ideeën van bekende trainers, analisten en oud-spelers vaak zonder veel discussie overgenomen. Niet omdat ze bewezen juist zijn, maar omdat ze afkomstig zijn van een autoriteit. Als Cruijff iets zei, dan moest daar wel een kern van waarheid in zitten. En dus wordt de uitspraak jaren later nog steeds herhaald langs de lijn bij een amateurwedstrijd in Groningen.

Dat kopieergedrag zie je op meer terreinen binnen het voetbal. Neem bijvoorbeeld de warming-up tijdens de rust. Nu zie je dat vrijwel alleen bij profclubs. Maar binnenkort lopen ook steeds meer spelers bij amateurverenigingen voor het begin  van de tweede helft  warm langs de zijlijn. Hetzelfde geldt voor de keeperwissel vlak voor een penaltyserie. Toen dat voor het eerst op het hoogste niveau gebeurde, werd het gezien als een bijzondere tactische vondst. Inmiddels zie je trainers op allerlei niveaus nadenken over dezelfde mogelijkheid.

Daar is op zichzelf niets mis mee. Voetbal ontwikkelt zich nu eenmaal doordat ideeën worden overgenomen en aangepast. Maar er zit ook een gevaar aan. Wanneer een idee niet meer kritisch wordt bekeken, ontstaat de neiging om alles wat succesvol lijkt automatisch te kopiëren.

De uitspraak over linkspoten en strafschoppen is daar een mooi voorbeeld van. Eén gemiste penalty lijkt de theorie te bevestigen, terwijl alle gescoorde strafschoppen van linkspoten vervolgens worden vergeten. Dat is selectief kijken. Mensen onthouden vooral de voorbeelden die hun overtuiging ondersteunen.

Uit eigen ervaring weet ik bovendien dat de kwaliteit van een strafschop niets zegt over links of rechts. Ik heb linkspoten gezien die de bal onberispelijk in de hoek schoten en rechtspoten die de bal huizenhoog over het doel joegen. Andersom gebeurde precies hetzelfde. Het verschil zat niet in de voet, maar in de speler.

Daarom blijft mijn conclusie eenvoudig. Cruijff heeft het voetbal enorm veel gebracht en veel van zijn inzichten zijn nog altijd waardevol. Maar ook een voetbalgenie had niet altijd gelijk. De opmerking dat linkspoten geen strafschoppen moeten nemen, behoort wat mij betreft tot de uitzonderingen waarop zijn gelijk niet van toepassing is. Een goede strafschopnemer is geen goede strafschopnemer omdat hij links- of rechtsbenig is. Hij is goed omdat hij techniek, lef, concentratie en vertrouwen combineert op het moment dat het moet gebeuren.

En wie dat kan, mag van mij gewoon achter de bal gaan staan. Of dat nu met links is of met rechts. Want de gedachte dat linkspoten geen strafschoppen zouden moeten nemen, is en blijft – ook volgens mijn eigen ervaringen op en rond het voetbalveld en als nemer – gewoon dikke onzin.