Paul Zweverink (sportverslaggever ): het coronavirus zorgt voor een levensles voor ons allemaal." ."

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Binnen de lijnen

Paul Zweverink is ook na zijn pensioen nog steeds actief in de sportjournalistiek d.m.v. het schrijven van verslagen van wedstrijden in het amateurvoetbal. Daarnaast heeft hij door het coronavirus een andere invulling aan zijn leven gegeven. Over het hoe en waarom vertelt Paul in de rubriek de vijftien vragen aan …  

                    pazwe

Paul waar en wanneer ben je geboren: ‘Ik ben nog net een oorlogskind. Als ik mijn moeder mag geloven (en waarom zou ik dat niet doen), kwam ik ter aarde in de Oosterstraat in de stad Groningen. Niet geheel geluidloos trouwens, er waren op 7 april 1945 in het begin van de nacht beschietingen gaande in de stad. Daarom ben ik geboren onder een enigszins beschermend bed. Ik ben dus een echte Groninger, maar misschien net niet echt genoeg: mijn ouders kwamen beide uit Zutphen.”
Kun je wat vertellen over je eigen  sportcarrière: ‘Carrière is een te groot woord. Dat is weggelegd voor de groten der aarde. Ik voetbalde bij GVAV. Dat had een grillig verloop. Begonnen in B 13 (ja echt…) en toen ik bij toeval een keer meetrainde met de B 1, mocht ik tot mijn verbazing daar blijven trainen en kwam ik inderdaad als verdediger in B 1.
Vervolgens A1, maar toen kwam wielrennen en schaatsen om de hoek kijken. Ik was, ik citeer mijn oudere broer: ‘een hele talentvolle schaatser’. Ik kon ook inderdaad met toen grote jongens als Jan Uitham enz. meerijden. Dus ging ik naast voetbal ook op schaatsen. Een onmogelijke combinatie, zoals snel bleek. Reed nog wel wedstrijden (pr op 1500: 2.13.8), maar toen ik moest kiezen werd het toch voetbal. Qua talent had ik dat wellicht anders moeten beslissen. Toen ik naar Helpman verhuisde verkaste in naar Be Quick, maar werd daar nooit vaste speler van het eerste. Daarna ben ik voetbaltrainer geworden, onder meer bij Be Quick (jeugd), vv Leek en assistent FC Groningen.”
Hoe kwam je in de sportjournalistiek terecht : ‘Bij toeval eigenlijk. Na FC Groningen wilde ik een jaartje pauze. Op een gegeven moment sprak ik wijlen Dick Monningh, die bij het Nieuwsblad van het Noorden werkte. Of ik zondagavond wilde helpen bij het verwerken van het amateurvoetbal. Dat leek mij prima. Mijn eerste werkzaamheden: uitslagen bellen en nog ouderwets op de typemachine uitslagen en standen tikken. Toen stelde Harry Hesseling, toenmalig chef van de sportredactie, voor om een heus wedstrijdverslag te maken. Mijn eerste werd: Bedum-Neptunia (beide clubs bestaan niet meer , niet mijn schuld overigens, hehe). Ik geloof dat het wel in de smaak viel en ben vervolgens snel gevraagd fulltime sportjournalist te worden. Gestopt als onderwijsman (25 jaar gedaan) en verder gegaan als sportjournalist. Mijn pakket: BV Veendam/Emmen, Donar en Formule I.”
Ben je nog steeds in de sportjournalistiek actief en zo ja wat zijn je werkzaamheden: ‘Dat ben ik nog steeds inderdaad. Na mijn pensionering, waar ik op zich niet blij mee was, wilde ik verder, heb zelf initiatief genomen om te voorkomen dat ik ‘achter de geraniums’ moest plaatsnemen. Als freelancer bij de krant verder gegaan en ook dingen als scout en intermediair bij FC Groningen. Voor de krant maak ik nog verslagen van amateurwedstrijden in het voetbal en zo nu en dan een verslag van Donar. Met veel plezier nog altijd. “
In de VI van deze week is er de nodige aandacht voor de makelaars binnen de voetbalwereld. Maken die ook  volgens jou het voetbal kapot of is dat zwaar overtrokken : ‘Dat lijkt me enigszins overtrokken. Daarnaast is het ook vrij zinloos, want daarmee zal het fenomeen van de zaakwaarnemers in het betaalde voetbal niet verdwijnen. Persoonlijk ben ik van mening dat er vanuit de UEFA/FIFA strikte richtlijnen zouden moeten komen teneinde wildgroei te voorkomen.”
Ik mag graag de columns van Henk Hoitink lezen. Van wie lees jij ze graag  : ‘Ik lees eerder politieke en maatschappelijke columns dan voetbalcolumns. Hoewel ik voetballiefhebber ben, er is aanzienlijk meer en belangrijkers op de wereld. Bij het lezen van columns ben ik wat minder met de inhoud bezig, maar meer met de mens achter de column. Neem bijvoorbeeld Willem van Hanegem. Zijn columns zijn niet altijd inhoudelijk briljant, maar je leest er de mens Van Hanegem uit. Columns van Bas Heijne, columnist van NRC, vind ik vaak interessant. Een goede column moet ontroeren, je fantasie positief prikkelen of irriteren.”
Wat zijn voor jou drie sportmomenten die je altijd bij zullen blijven : ‘Een simpele maar best lastige vraag. Heb je er drie, dan denk je later: o, ik ben er eentje vergeten, haha. Maar ok, ik ga een poging doen: Eén keer heb ik gehuild bij voetbal en dat was het moment dat Albert Rusnak in de Kuip 2-0 scoorde in de bekerfinale tegen PEC Zwolle en ik besefte dat FC Groningen historie had geschreven door de KNVB-beker te pakken. De enorme ontlading in de Kuip, waar ik één van de aanwezigen was, bracht die emotie te weeg.
In 1970 was ik in het toenmalige San Siro-stadion bij de overwinning van Feyenoord tegen Celtic en daarmee geschiedenis schreef door als eerste Nederlandse club de Europa Cup te winnen. Onvergetelijk.
De overwinning van Tom Dumoulin in de Giro d’Italia. Als wielerliefhebber en zelf verwoed fietser leefde ik totaal mee hoe zich dat succes ontwikkelde. Maar voor hetzelfde geld noem ik nog vele andere mooie sportmomenten.”
Had je vroeger een idool en zo ja, wie was dat: ‘Ik ben niet zo van de verering van mensen en sporters. Dus echte idolen niet, wel mensen die ik als sporter groots vond. Dan noem ik bv Eddy Merckx, Michael Schumacher, Michael Jordan en nog vele anderen. Maar veel interessanter vind ik de mens achter de sporter. Ik ken matige sporters die geweldig zijn als mens. Ik zie ook geweldige sporters die matig zijn als mens.
Hoe staat het met je corona-challenge : ‘Eerst uitleg: toen corona uitbrak veranderde mijn dagelijkse ritme van de dag nogal drastisch. Zoals dat bij velen het geval is. Naast de onrust die het virus zelf bij me veroorzaakte, was er de onrust over het vervolg van het sociale leven. Na twee onrustige weken besloot ik dingen voor mezelf aan te pakken. Nieuwe doelen. Zo bedacht ik voor mezelf mijn eigen corona-challenge met een dubbel doel: fit blijven/worden en een dag-bestemming vinden. Dat door afwisselend dagelijks te fietsen of te wandelen. In allerlei vormen doe ik dit nu ruim twee maanden en dat bevalt me uitstekend. Het leuke ook is dat volgens op twitter mij steunen en zelfs suggesties doen. Dat geeft er een extra positieve dimensie aan.”
De bekerfinale op Bonaire spelen  is: ‘Wat mij betreft onzinnig. Ik begrijp dat veel mensen graag die bekerfinale alsnog willen spelen, hoewel het resultaat daarvan geen invloed meer kan hebben op plaatsing bij de Europese competities. De bekerwinst is een prijs, een mooie prijs. Kijk naar de euforie bij FC Groningen in 2015. Maar essentieel bij bekerfinales zijn in mijn ogen de supporters. Een finale zonder de aanhang van beide finalisten beschouw ik als het lezen van een boek zonder tekst. Dus hoeft die finale van mij helemaal niet gespeeld te worden en al helemaal niet duizend kilometers hier vandaan.
Racisme hoort nergens te zijn. Snapte jij de actie van Denzel  Dumfries om naar de demonstratie in Rotterdam te gaan   : ‘Het  eerste deel van je vraag steun ik totaal. Over Denzel Dumfries: dat begrijp ik volkomen. Het is dat ik zelf nog altijd bevreesd ben voor massa’s mensen in deze coronatijd, maar ik zou daar zeker ook bij kunnen zijn. Maar juist voor Dumfries en ook Memphis Depay is het zeer te begrijpen dat ze op zo’n demonstratie aanwezig zijn. Dat ze daarmee risico lopen op besmetting is een feit, hoewel dat ook door de wellicht onverwacht grote toeloop ontstaan is.”
Dat er in het begin van seizoen 2020/2021 publiek in de stadions mag komen  is zo goed als zeker een utopie en dat doet veel BVO’s wel of niet omvallen: ‘Dat verwacht ik niet. Wel dat voetbalclubs het net als andere bedrijven en mensen het heel lastig zullen krijgen het hoofd boven water te houden. Overheidssteun zal hier en daar onvermijdelijk zijn. Of het voetbal lang zonder publiek zal moeten doen hangt af van twee onzekere factoren. 1. Hoe gedraagt Covid-19 zich en hoe snel komt er een vaccin? 2. Hoe gedraagt de bevolking zich met het nakomen van de richtlijnen. Over beide aspecten ben ik niet meer dan heel matig optimistisch. “
Het 'telefonisch 'duet' tussen Grapperhaus en Halsema was een : ‘Een tragische klucht. Ook wel een ongelukkige klucht. Ik doe niet mee aan de huidige heksenjacht op Femke Halsema. Dat is me veel te gemakkelijk. Er zijn fouten gemaakt, dat lijkt me duidelijk. Van de zijde van de driehoek in Amsterdam, waar Halsema de verantwoording draagt. Ook Grapperhaus is in de fout gegaan door een dubbel beeld naar buiten te brengen. Jammer dat deze kwestie het doel van de demonstratie naar de achtergrond heeft verdrongen.”
Wat vind jij persoonlijk het vervelendste aan alles rond het coronavirus: ‘Boven alles staat het leed van mensen die direct of indirect te maken hebben gehad of hebben met dit virus en de gevolgen daarvan. En de mensen wiens leven anderszins op de kop staat.  Voor mezelf de voortdurende dreiging van iets onzichtbaars en ongrijpbaars. Ten tweede de sociale gevolgen. Het missen van direct contact met vrienden, dierbaren, etc. Maar dan blijkt ook dat je als mens flexibel bent, dat je je kan aanpassen aan de nieuwe werkelijkheid. Mensen vragen mij wel of ik het voetbal mis. Eerlijk gezegd: nauwelijks.
Wat wil je verder nog in deze rubriek kwijt: ‘Ja, misschien iets echt persoonlijks. Juist in deze tijd besef ik hoe belangrijk mensen zijn die naast je staan, die echt gemeende aandacht hebben. Dat waardeer ik enorm. Aandacht, menselijkheid. Je beseft juist nu dat je dat allemaal maar voor normaal nam en zelfs verwaarloosde.  Een levensles voor ons allemaal.”

.