Jan Waal hangt zijn voetbalschoenen aan de wilgen.

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Binnen de lijnen

Op zondag 3 juni speelde Jan Waal zijn laatste voetbalwedstrijd in een lange carrière die zevenvijftig jaar geleden bij H.O.S.V in Spanbroek begon en waar met het duel tussen Zeester-zondag 1 en het Noordelijk Artiestenelftal een einde aan kwam.
image 2018 06 24
 Bron: Ommelander Courant Foto: Ronnie Afman Baflo
Voor de nu 65-jarige Jan Waal uit Ulrum begon het voetballen ruim een halve eeuw geleden in de provincie Noord-Holland bij Hoogwoud-Opmeerse Sport Vereniging ( H.O.S.V.). ,,Toen ik acht jaar was mocht ik eindelijk voetballen en kwam ik als beginnend voetballer in de welpen terecht. Ik weet nog goed dat je in die tijd niet eerder mocht voetballen. Iets wat we ons nu niet meer kunnen voorstellen want tegenwoordig voetballen ze al op vierjarige leeftijd, ”verteld de Ulrumer die tot 1977 voor H.O.S.V. bleef spelen. ,,Na de welpen kwam ik in de aspiranten terecht en vervolgens in de junioren. Met dat laatste team heb ik nog in de hoofdklasse gespeeld voordat ik, samen met een aantal teamgenoten, speler van het eerste elftal werd. Ik  moet zeggen dat ik vooral aan de periode bij de junioren mooie herinneringen bewaar. Doordat we in de hoofdklasse speelden moesten we soms ook wat verder weg om onze uitduels te spelen. En dat was iets waar ik oprecht van kon genieten.” In 1977 volgde er een verhuizing naar Noord-Groningen en werd Ulrum de nieuwe woonplaats van de Noord-Hollander. ,,Ik voetbalde in het westen op de zondag en wilde dat ook in Ulrum blijven doen. Dat zorgde er voor dat ik bij Zeester terecht kwam. Zeester voetbalde in die periode nog in Ulrum dus zo moeilijk was die keuze niet. Ik ben nooit een zaterdagvoetballer geweest omdat de zaterdag altijd wel een dag is geweest waarop ik voldoende andere dingen te doen had.” Toen Jan Waal de overstap naar Zeester maakte was dat juist in een periode dat het Zeester sportief gezien behoorlijk voor de wind ging. ,,Ik denk dat ik toen in een elftal kwam te voetballen wat wel als een van de beste Zeester-teams uit de historie gezien mag worden. Een team met spelers zoals Kees en Rieks van Ham, Elzo van Kampen, Geert Timmer, Harry Kolk, Jan Rienks en als doelman Gerrit Arkema. Met dat team speelde ik toen de derby’s tegen Kloosterburen en Eenrum waar soms wel 500 toeschouwers op af kwamen. Uit die beginperiode weet ik ook nog goed dat ik voor de rechtsbackpositie de concurrentiestrijd aan moest gaan met Bertus Toxopeus wat toen een gevestigde kracht was. Maar uiteindelijk viel die concurrentiestrijd in mijn voordeel uit en heb ik vervolgens 15 jaar in het eerste elftal van Zeester gespeeld. Na die periode in het eerste elftal ben ik vervolgens overgestapt naar het zaalvoetballen. Dat heb ik een aantal jaren volgehouden. Maar uiteindelijk bleef het veldvoetbal toch trekken zodat ik op de zondagochtend in een van de lagere teams van Zeester ben gaan spelen. Daar kwam ik een aantal teamgenoten vanuit het eerste elftal tegen en wat het allemaal weer gezellig maakte hoewel ik nooit echt iemand voor de derde helft ben geweest. Ik dronk na afloop van een wedstrijd wel wat maar ik bleef nooit echt lang in de kantine hangen. Toen ik in het eerste elftal speelde was je een groot gedeelte van de zondag kwijt aan het voetballen omdat je in de middag speelde. Maar toen ik, zoals de laatste jaren, op de zondagochtend speelde wil ik ook nog wat aan de rest van de zondag hebben,” is het helder verhaal van de Ulrumer. Een Ulrumer die in de zomer van 2009 met al zijn clubgenoten van Zeester de overstap maakte naar VVSV’09, de fusieclub die ontstond uit het samengaan van Zeester met UVV’70. Een fusie waar Jan Waal het jammer van vind dat die uiteindelijk toch is mislukt. ,,Het is goed geweest dat beide verenigingen het wel hebben geprobeerd. Maar de culturen binnen beide verenigingen lagen uiteindelijk toch te ver uit elkaar. Dan kun je je afvragen of men dat niet eerder had kunnen zien aankomen maar dat is achteraf praten. Wanneer je het niet probeert dan weet je zoiets ook niet. Misschien had een gezamenlijk complex wel geholpen maar ook dat is koffiedik kijken. Ook dan had het fout kunnen gaan en dat was misschien nog wel veel erger geweest.” Na eerst Zeester en later VVSV’09 werd het dus weer terug naar Zeester wat vreemd genoeg voor Jan Waal voor een duidelijke verandering zorgde. ,, Eerder kon ik altijd lopend naar onze thuiswedstrijden omdat die in Ulrum gespeeld werden. Maar nadat Zeester met ingang van het seizoen 2014/2015 weer als zelfstandige vereniging verder ging werd ook voor het eerste zondagteam de thuishaven sportpark Toercamp in Zoutkamp en moest ik ook voor de wat verder weg. Maar dat ik daar tot aan 3 juni van dit jaar heb gespeeld heb ik nooit erg gevonden. Sportpark Toercamp is namelijk een mooi complex en de verplaatsing van onze thuiswedstrijden is dan ook zeker niet de reden geweest dat ik begin dit jaar het besluit heb genomen dat het mooi geweest is omdat ik er natuurlijk niet jonger op wordt. Waar vroeger mijn snelheid wel een belangrijk wapen was is dat nu natuurlijk niet meer zo. De laatste jaren lijkt het wel alsof mijn tegenstanders steeds jonger en sneller worden. Maar door de laatste jaren wat meer als hangende rechtsbuiten te spelen probeerde ik nog wel van waarde voor het team te zijn. Maar de echte reden dat ik stop is toch wel een beetje de schuld van de KNVB. De bond deelt ons de laatste jaren namelijk structureel te zwaar in. Op papier zijn we Zeester-zondag 1 maar in de praktijk zijn we een 35+-team dat aangevuld moet worden met goedwillende B-junioren of spelers van de lagere zaterdagteams. Dit omdat we anders te vaak geen team in het veld kunnen krijgen en wat dit seizoen helemaal schrijnend naar voren kwam. We moesten nog acht duels spelen maar de animo was niet echt groot meer om die ook daadwerkelijk te spelen. We verloren de laatste tijd te vaak duels met dubbele cijfers en dan is de grap er snel af. Ik had graag gezien dat de KNVB daar eens wat beter naar had gekeken. Want wedstrijden met een eindstand van bijvoorbeeld 18-0 wordt niemand blij van. Dat is dan ook de belangrijkste reden dat ik er een punt achter zet. Of ik het voetbal echt ga missen weet ik niet. Binnenkort zit ook mijn werkbare leven erop maar ik heb genoeg hobby’s om mij niet te vervelen. Zo hebben we een grote tuin waar ik graag de nodige uurtjes aan besteed en ook heb ik het schilderen weer opgepakt. En verder doe ik graag iets in 3D visualisaties dus vervelen zal ik mij niet,” aldus de oud-voetballer die tot slot nog even naar de toekomst van ‘zijn’ Zeester-zondag 1 kijkt. ,,Die ziet er op dit moment gewoon niet goed uit. Officieel hadden we op het moment dat we besloten om het seizoen niet meer verder af te maken nog maar negen spelers. Daardoor moesten we steeds vaker lenen bij de zaterdagtak maar wat natuurlijk een keer ophoudt. Die willen wel een keer een wedstrijd extra voetballen maar niet alle zondagen. Daarom vrees ik oprecht voor het voortbestaan van het zondagteam van Zeester. Iets wat natuurlijk ontzettend jammer zou zijn want het voetballen op zondag is namelijk iets wat gezien de historie absoluut bij Zeester hoort.”