Het is niet altijd de trainer zijn schuld.

Geschreven door Henk Doppenberg op . Geplaatst in Columns

Een trainer die meedenkt richting de toekomst van het eerste elftal, en dus de vereniging is natuurlijk niet vreemd. Dat er dan naar de trainer geluisterd wordt zou dan ook niet vreemd zijn. Maar dat gebeurt niet en wordt de trainer op een gegeven moment de laan uit gestuurd omdat datgene waar hij voor gewaarschuwd heeft ook daadwerkelijk gebeurt. Een beslissing die Henk Doppenberg in zijn column fraai verwoord. 
 

Henk Doppenberg

Als trainer Jos de kantine binnenkomt en twee mensen van de TC ziet staan, loopt hij naar hen toe.
‘Heren. Hoe is het?’
‘Met ons prima en met jou vast ook wel. De resultaten zijn immers boven verwachting goed, dus wat wil je nog meer.’ ‘Klopt. Momenteel gaat alles naar wens, maar ik wil jullie graag even spreken over volgend seizoen. Dan konden we namelijk best eens in de problemen komen.’
‘Dat zal toch wel meevallen. Ik reken erop dat we ons dit jaar handhaven, dus waarom zouden we dat komend seizoen dan niet doen?’ ‘Als we onze huidige selectie intact weten te houden, zal de vereniging als het om voetbal gaat de komende jaren inderdaad weinig problemen kennen. We moeten echter wel alert zijn en onze ogen niet sluiten voor de realiteit.’
‘Weet jij iets wat wij niet weten?’
‘Ik heb nog nergens zekerheid over, maar vind wel dat er met Gert, Erik en Rob gesproken moet worden om te horen wat hun plannen voor volgend seizoen zijn. Die jongens zijn namelijk de dertig gepasseerd en dat hoeft op zich geen probleem te zijn. Ik krijg echter steeds meer het gevoel dat ze een beetje genoeg van de wekelijkse verplichtingen beginnen te krijgen en erover denken om in een lager team te gaan spelen. Verder schrik ik er niet van als Tanno en Michiel binnenkort door SDL of VCV benaderd worden of misschien hebben ze al wel contact met elkaar. Die jongens kunnen het niveau van de derde divisie of in ieder geval de hoofdklasse namelijk prima aan en volgens mij hebben ze er ook wel oren naar om die stap te zetten. Zeker omdat het niet alleen sportief, maar ook financieel gezien heel interessant is voor die knapen is. Als studenten kunnen ze wat extra geld immers heel goed gebruiken.’
‘Wat wil je dat we doen?’
‘Zoals ik zeg, met die jongens gaan praten en indien nodig rond gaan kijken voor vervangers. Zonder die vijf spelers hebben we namelijk een heel middelmatig elftal en gaan we het in de tweede klasse echt niet redden.’
‘Bekijk je het nu niet wat te negatief? Wie zegt ons namelijk dat die spelers echt alle vijf vertrekken? Volgens mij gaan die oudere jongens namelijk echt nog wel een jaartje door en ik zie die jonge knapen ook niet zomaar vertrekken. Zeker omdat ze allebei een jeugdteam trainen en echte clubmensen zijn. Plus dat er volgend seizoen vier jongens van de JO19-1 bij de selectie komen en we volgens mij een vrij goed tweede team hebben. Ik denk dat er dus weinig of niets is waar we ons druk over moeten maken. Natuurlijk gaan we wel met de spelers praten over volgend seizoen, maar dat doen we altijd pas begin april en normaal gesproken is dat vroeg genoeg. Het is misschien zelfs wel dom om nu al met die vijf mannen in gesprek te gaan, want als we ze het idee geven dat we erop rekenen dat ze stoppen of vertrekken, doen ze het zeker. Nee, vertrouw maar op ons. Het lukt ons immers al jaren om de selectie bij elkaar te houden en dat wordt nu ook echt geen probleem.’
De trainer zucht een keer. Hij had deze reactie namelijk wel een beetje verwacht, maar besluit het er niet bij te laten zitten.
‘Ik weet natuurlijk ook niet zeker dat die jongens stoppen of vertrekken, maar blijf me er wel zorgen over maken. Het is namelijk heel mooi dat er vier jeugdspelers overkomen en dat het tweede vrij goed draait, is ook geweldig. Die jongens komen echter stuk voor stuk tekort voor het eerste en zijn zeker niet in staat om de spelers die ik net noemde te vervangen. Hoewel ik wat dit betreft natuurlijk niet bepalend ben, wil ik jullie daarom nogmaals dringend  vragen om op korte termijn met die vijf mannen te gaan praten. Ten eerste natuurlijk om op hun eventuele plannen in te kunnen spelen en ten tweede lijkt mij het een manier om ze voor de club te behouden.’
‘Hoe bedoel je dat laatste?’
‘Dat die jongens zich zeer waarschijnlijk gevleid zullen voelen, als ze horen dat we hen er heel graag bij willen houden en dat kan net genoeg voor ze zijn om nog een seizoen verder te gaan. Plus dat we met die oudere jongens misschien wel af moeten spreken  dat ze af en toe eens een training mogen laten schieten. De meeste spelers van hun leeftijd willen namelijk nog heel graag op niveau blijven voetballen, maar stoppen ermee omdat ze geen zin meer hebben in twee keer per week trainen.’
‘Ik zou dat laatste een zeer slechte beslissing van ons vinden. We eisen van het eerste en tweede namelijk dat ze allemaal twee keer per week trainen, dus kunnen we voor dit drietal geen uitzondering maken.’
‘Misschien niet, maar ik verwacht dat de andere spelers er wel begrip voor hebben. Laten we er in ieder geval alles aan doen om de huidige selectie bij elkaar te houden en wacht dus alsjeblieft niet te lang om met die jongens te praten. Als ze eenmaal besloten hebben om te stoppen of te vertrekken, is het namelijk niet gemakkelijk om ze weer op andere gedachten te brengen.’‘Jos, er speelt toch niet iets anders?’
‘Wat zou er moeten spelen?’
‘Je kunt toch gevraagd zijn door een andere vereniging.’
‘Dat zou natuurlijk kunnen, maar ik ben door niemand benaderd. Ik heb trouwens een tweejarig contract en kom mijn afspraken altijd na.’
‘Wij ook, maar veel trainers blijken daar tegenwoordig toch anders over te denken.’ ‘Suggereer je daar iets mee?’‘Nee, zeker niet.’
‘Gelukkig. Ik begrijp trouwens dat jullie mijn zorgen niet delen en dat vind ik zeer spijtig. Daarom hoop ik dat jullie alsnog van gedachten veranderen en niet met die gesprekken wachten tot april, want dan kon het best eens te laat zijn.’
‘We zullen er met de rest van de TC en het bestuur over praten, maar ik verwacht niet dat zij een andere mening hebben dan wij. Als dat wel zo is, hoor je het natuurlijk en anders duurt het dus nog een paar maanden voor er meer duidelijkheid komt.’
‘Het is jullie goed recht om je eigen visie te volgen, maar ik ben wel bij dat ik mijn zorgen  uitgesproken  heb. Is het trouwens een probleem als ik de jongens zelf naar hun plannen voor volgend seizoen vraag?’
‘Ja. Wij gaan niet op jouw stoel zitten en stellen dat andersom ook niet op prijs.’
Oké. Duidelijk.’
Trainer Jos is behoorlijk teleurgesteld in de mening van de TC mannen en kan dat gevoel de eerste weken maar moeilijk kwijtraken. Omdat de trainingsopkomst en de inzet van de spelers optimaal blijven, begint hij na een paar weken echter toch te geloven dat hij zich voor niets zo druk heeft gemaakt. Zeker als hij van zijn twee talenten hoort dat ze de interesse van hoofdklasser SDL hebben afgewimpeld.

Als hij eind maart na een donderdagtraining met zijn spelers van het veld loopt, krijgt hij echter geheel onverwacht een enorme dreun te verwerken. Gert, die met zijn 35 jaar de oudste speler van het team is, komt hem namelijk vertellen  dat dit zijn laatste seizoen in het eerste is en dit bericht zorgt voor een vreselijk sneeuwbaleffect. De andere vier door Jos genoemde spelers geven een paar dagen later namelijk ook aan dat ze na de zomerstop niet meer tot de selectie zullen behoren.

Als de jongen de reden voor hun besluit kenbaar maken, blijkt dat de trainer een vooruitziende blik heeft gehad. De oudjes willen niet meer twee keer per week trainen en gaan bij de 35+ voetballen en de twee jonge jongens kiezen voor het geld bij derde divisionist VCV.

Het bericht dat de oudere spelers met de verplichting van één training per week nog wel door hadden willen gaan, maakt het nog veel beroerder voor de trainer. Hij denkt daarom zelfs even om zijn contract in te leveren, maar besluit na een paar dagen om toch woord te houden en gewoon verder te gaan.

De TC is nu wel in grote paniek en probeert er alles aan om de spelers nog op andere gedachten te brengen, maar dat heeft geen resultaat. Omdat bijna alle goede spelers uit de regio hun beslissing over volgend seizoen inmiddels hebben genomen, lukt het ook niet meer om echte versterkingen binnen te halen. Daarom is het optimisme opeens verdwenen en ziet men de toekomst met angst en beven tegemoet.

Dat blijkt bij de start van het nieuwe seizoen ook al snel meer dan terecht te zijn. De spelers doen wel hun uiterste best, maar het ontbreekt ze gewoon aan kwaliteit. Daarom staan ze vanaf speelronde één op de onderste plaats en duurt het niet lang voor er over degradatie wordt gesproken. De sfeer binnen het team blijft prima, maar binnen de club ontstaat er steeds meer gezeur en de TC heeft helaas niet het lef om de verantwoordelijkheid voor deze ellende op zich te nemen.

Als ze begin oktober met de trainer om tafel zitten, blijken de heren hun gesprek van eind vorig seizoen dan ook ‘vergeten’ te zijn.
‘Jos, we hebben slecht nieuws voor je. Vanuit de spelersgroep komen geruchten dat je hen niet meer motiveren kunt en wij hebben het gevoel dat er aan jouw eigen motivatie ook het één en ander schort. Verder hebben we wat problemen  met de manier hoe je het team laat voetballen en je zou, wat ons betreft, wel wat harder mogen trainen. Alles bij elkaar is dat voor ons reden genoeg om je contract per direct te beëindigen.’
Jos kijkt de heren verbijsterd aan.
‘Als ik jullie zo hoor, ben ik in tijd van drie maanden een totaal andere trainer geworden  en dat is natuurlijk onzin. Plus dat ik zeker weet dat niemand van de spelers over me heeft geklaagd. De waarheid is echter dat het team te zwak is en we zeer waarschijnlijk degraderen, waardoor de leden beginnen te morren en jullie iemand zoeken om de schuld van deze slechte prestaties te geven. Het zou eerlijk zijn als jullie de hand in eigen boezem staken, want ik heb in januari al aangegeven dat het best eens fout kon gaan.’
‘Dat is achteraf praten, dus daar hebben we nu niets meer aan.’
Jos moet even moeite doen om niet in woede uit te barsten, maar staat dan op, om vervolgens zwijgend en met opgeheven  hoofd weg te lopen. Als trainer heeft hij immers niets fout gedaan en ook als mens niet. Al had hij misschien wel beter wat minder principieel kunnen zijn en moeten proberen om onder zijn doorlopende contract uit te komen. De TC laat hem immers ook stikken  nu het even moeilijk wordt.