Bas heeft kapotte voetbalschoenen en geen trainingspak.

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

Vooroordeel en beeldvorming binnen in dit geval een jeugdteam gaat de column van Henk Doppenberg deze keer over. Iets waar ik als jeugdtrainer gelukkig nooit mee te maken heb gehad maar wat in een steeds harder wordende amateurvoetbalwereld helaas meer en meer voorkomt
Henk Doppenberg
Net voor de training van de JO13-1 afgelopen is, zien de aanwezige ouders het hoofd jeugdopleiding met een voor hen onbekende jongen  het veld oplopen. Ze zien hem eerst even met de trainer praten en vervolgens de hele groep bij elkaar roepen. Gelukkig voor hen gebeurt dat net voor hun neus, zodat ze kunnen horen wat er gezegd wordt.‘Hallo jongens. Dit is Bas en hij zit vanaf nu bij jullie in het team. Hij heeft vanavond met de JO13-2 meegetraind, maar het is beter voor hem om een team hoger te gaan spelen. Bas komt trouwens uit Assen  en  woont pas sinds deze week hier in het dorp.’
Als het hoofd jeugdopleiding uitgepraat is, loopt hij terug naar de kant van het veld, waar hij nog even met de jongen zijn moeder blijft praten. De andere ouders kijken elkaar echter een beetje geschrokken en vooral wat ontstemd aan. Dat het team er een speler bij krijgt, vinden ze geen probleem. Waar ze zich echter wel heel druk over maken, is dat zowel de jongen als zijn moeder er ontzettend armoedig uit zien.Heb je zijn voetbalschoenen gezien?’‘Nee.’
‘Die zijn minstens tien jaar oud en waren met tape aan  elkaar geplakt. Plus dat hij  niet eens een trainingspak aan heeft en zijn shirtje en broekje van één of andere rommelmarkt lijken te komen. Vind jij moeder en  zoon er trouwens echt schoon uitzien? Ik namelijk niet.’‘Daar heb ik niet op gelet, maar als jij het zegt, zal het best zo zijn. Nou, lekker dan. Wat moeten  wij met zo’n viespeuk?’‘Geen idee. Zaterdag spelen we thuis, maar volgende week komt die knaap niet bij mij in de auto. Ik heb namelijk geen  zin om naderhand alles te moeten ontsmetten. Zouden het soms zwervers zijn?’‘Dat kan best en misschien  is dat wel te hopen.’Hoezo?’ ‘Nou, als het zwervers zijn, blijven ze hier waarschijnlijk niet zo lang en zijn we binnenkort tenminste weer van dat rare joch af.’‘Moeten we nu dan zomaar accepteren dat hij erbij komt?’
‘De vereniging kan  volgens mij heel moeilijk iemand weigeren en zeker niet omdat hij of zij armoedig gekleed en slecht gewassen is.’
‘We kunnen in ieder geval even met Tjeerd gaan praten, om te horen  wat hij er als leider van vindt.’‘Best, laten  we dat maar doen.’
Omdat het de ouders niet verstandig lijkt om met z’n allen met de leider in gesprek te gaan, worden er drie vaders aangewezen om de groep te vertegenwoordigen. Die mannen later er geen  gras over groeien  en lopen gelijk naar de kantine, waar de bewuste leider net koffie heeft besteld.

‘Tjeerd, kunnen we je even spreken.’‘Natuurlijk. Wat is er aan de hand?’‘Het gaat om Bas. Die nieuwe jongen. Ben jij blij met zijn komst?’‘Eerlijk gezegd wel. We kunnen namelijk best een speler extra gebruiken en het moet een extreem goede voetballer zijn. Dus worden we op twee manieren beter van het ventje.’
‘Heb jij zelf gezien  hoe goed hij is?’‘Nee, ik ga door op wat Alwin zei. Hij is immers hoofd jeugdopleiding en zegt dus echt niet zomaar iets.’
‘Ben je niet bang dat ze het jochie bij de JO13-2 niet wilde hebben  en ze hem nu met een mooie smoes in ons team drukken?’‘Nee, want zij hadden hem er juist heel graag bij gehouden en dat begrijp ik ook wel. Wie wil er nu immers geen goede voetballer in zijn team hebben. Hebben jullie trouwens iets tegen dat ventje? Ik vind jullie vragen en reacties namelijk een beetje vreemd.’
Nou, wij vinden het heel normaal om aan de bel te trekken. Heb je soms niet gezien hoe armoedig en vies dat ventje eruit ziet? Plus dat zijn moeder ons ook niet zo heel helder lijkt. Als we volgende week uit spelen, neem jij ze daarom maar mee in je auto. Bij ons komen ze er namelijk niet in en bij de andere ouders evenmin.’

Tjeerd heeft een kleur gegeven en moet alle mogelijke moeite doen om zijn ergernis te verbergen.‘Heren, wat vallen jullie, en de andere vaders en moeders trouwens ook, me gigantisch tegen. Bas en ook zijn moeder lopen er inderdaad niet volgens de laatste modetrends bij, maar hun kleding en ook zijzelf zijn absoluut niet vies. Of ze bewust of gedwongen voor deze manier van kleden hebben gekozen, weet ik niet. Dat is echter ook niet mijn zaak. De jongen zijn contributie is netjes betaald, dus heeft hij het volste recht om hier te voetballen en gezien zijn kwaliteiten hoort hij in ons team, dus dat gaat ook gebeuren.’‘Jij hebt gemakkelijk praten, maar wij vinden het een gigantisch probleem. Wat moet ik bijvoorbeeld over twee weken doen als mijn zoontje jarig is? Normaal nodig ik het hele team uit, maar ik wil die Bas echt niet in huis hebben. Plus dat ik ook niet wil dat mijn zoontje bij hén over de vloer komt.’
‘Sorry, maar ik had niet verwacht dat jullie zulke verschrikkelijk trieste mensen waren. Het zou beter zijn als jullie je eens in die moeder en Bas probeerden te verplaatsen. Die mensen komen hier voor hun plezier en niet om door jullie behandeld te worden alsof ze één of andere enge ziekte hebben. Dat is echt niet leuk voor ze, hoor. Zeker niet als ze wel graag goede spullen zouden willen hebben, maar ze door omstandigheden niet kunnen betalen.’
Tjeerd is inmiddels opgestaan van zijn barkruk en kijkt de mannen tegenover hem één voor één even zeer doordringend aan.
‘Ik stop met dit gesprek en ga er diep over nadenken of ik volgend seizoen nog wel leider wil zijn van dit team. Met ouders die zo denken als jullie, wil ik namelijk liever niets meer te maken hebben.’
De vaders krijgen geen kans meer om te reageren, want de leider loopt naar buiten en daarom gaan ze maar terug naar de andere vaders en moeders. Daar vertellen ze zonder omwegen hoe het gesprek is gegaan en overwegen  ze zelfs even om helemaal niet meer bij deze club te voetballen. Dat gaat ze na een  kleine discussie echter toch te ver en daarom besluiten ze maar gewoon af te wachten wat hen zaterdag te wachten staat.
Zoals normaal zitten  alle ouders ’s zaterdags een uur voor de wedstrijd samen in de kantine om koffie te drinken. Behalve dus de moeder van Bas die buiten in  de regen staat te wachten tot de wedstrijd begint. De vaders en moeders zien haar wel staan en fluisteren elkaar meewarig toe dat ze niet eens een paraplu heeft, maar er is niemand die de vrouw even naar binnen roept.
Als ze een paar minuten voor de wedstrijd naar buiten gaan, wordt de situatie  nog veel verdrietiger. Ze lopen de vrouw namelijk allemaal zwijgend en dus zonder zich voor te stellen voorbij en gaan iets verderop schaamteloos door met hun geroddel.
Na een paar minuten voetballen, kijken de vaders en moeders elkaar echter met grote ogen aan. Leider Tjeerd heeft namelijk niets te veel gezegd over Bas zijn voetbalkwaliteiten. Die jongen is namelijk ook veel te goed voor de JO13-1 en heeft zijn team daarom al vrij snel op voorsprong gezet.
Het jochie zijn fantastische spel, zorgt ervoor dat de mensen al snel geen oog meer voor zijn kapotte voetbalschoenen hebben , maar hem luid aan gaan moedigen. Als de scheidsrechter voor de pauze heeft gefloten, blijkt pas echt goed hoe de mensen in elkaar zitten. Het kereltje zijn moeder is namelijk opeens geen paria meer, want iedereen gaat zich aan haar voorstellen en is één en al vriendelijkheid. Als zij iets over haar financiële problemen vertelt, wordt haar zelfs van diverse kanten  hulp aangeboden en daar is ze de mensen reuze dankbaar voor.
Als leider Tjeerd ziet wat er gebeurt, schudt hij een paar keer met zijn hoofd.
Natuurlijk is hij heel erg blij voor Bas en zijn moeder, maar wat heeft hij een  medelijden met die andere mensen. Hij denkt er echter niet meer aan om te stoppen als leider, want hij vindt dat iedereen  het recht heeft om fouten te maken en zo af en toe een beetje eigenaardig te doen.