Een ontevreden vader en een verdrietig kind

Geschreven door Henk Doppenberg op . Geplaatst in Columns

Onderstaande column is van Henk Doppenberg die in zij columns de 'gekte' in het amateurvoetbal onder de loep neemt en die ik met toestemming van Henk op www.puurvoetbalonline.nl mag plaatsen. Deze keer gaat het over een vader over bepaalde talenten beschikt maar waar alles en iedereen er verder van overtuigd is dat pa er weinig kijk op heeft. 


Henk Doppenberg
Als Patrick dinsdags na het trainen thuis de kamer binnenkomt, begint hij meteen met een opgewonden gezicht te vertellen. ‘Ruud en Bart mogen naar Heerenveen. Er zijn de laatste paar weken mensen geweest om naar hen te kijken en nu mogen ze daar komen trainen en een paar wedstrijden spelen. Als ze dat goed doen, stoppen ze bij Concordia en gaan ze er voor vast voetballen. Natuurlijk hoop ik niet dat ze weggaan, maar toch gun ik het ze wel.’ Patricks vader heeft ongeduldig zitten wachten tot zijn zoontje uitgepraat is en kijkt enorm ontevreden. ‘Als jij zaterdag nu iets beter je best had gedaan, was je ook gevraagd. Je liep echter net op dat veld alsof je een zak zand op je rug had. Met wat geluk krijg je echter nog meer kansen, want die mensen van Heerenveen zullen nu wel vaker komen kijken. Het is dus zaak om iedere week een topwedstrijd te spelen. Ga daarom maar snel naar bed. Rust is immers belangrijk als je goed wil presteren.’ Patrick kijkt zijn vader met een verbaasd gezicht aan.Ik krijg toch altijd nog een glas limonade en een koek?’ ‘Vanaf nu niet meer, want je wordt veel te dik. Neem maar een beker water en een appel. Ik zal je trainer trouwens zo even bellen en hem vragen of je vanaf volgende week op woensdag met de JO11-1 mee kan trainen.’ ‘Waarom? Dan moet ik drie keer per week trainen en dat wil ik helemaal niet. ’s Woensdags gaan we trouwens altijd bij oma eten en zijn we pas om zeven uur thuis.‘Geen probleem. Vanaf nu gaan we gewoon wat eerder naar huis, zodat je tijd genoeg hebt om te trainen.’Was ik maar nooit over Heerenveen begonnen.’
‘Jongen, je weet niet wat je zegt. Het is toch geweldig om bij een profclub te mogen trainen en spelen. Voor jou, maar wat denk je van mij. Ik zou namelijk hartstikke trots op je zijn als jij ook gevraagd werd. Al werd je maar door BVOB gescout, want die spelen immers een klasse of drie, vier hoger dan Concordia.’‘Ben je nu dan niet trots op me?’Natuurlijk wel, maar dan pas echt of in ieder geval nog veel meer. Maak me dus blij en ga beter voetballen. Ik ga morgenavond met je naar de winkel voor nieuwe voetbalschoenen, zodat het daar in ieder geval niet meer aan kan liggen.’ ‘Natuurlijk zou ik wel graag bij Heerenveen willen trainen en voetballen, maar daar ben ik toch niet goed genoeg voor. De andere jongens van mijn team trouwens ook niet, want Ruud en Bart zijn veel beter dan de rest. Zonder hen stonden we daarom echt niet op de eerste plaats.’
‘Onzin Patrick. Als jij hard en veel traint, word je minstens net zo goed als zij en ik denk zelfs nog veel beter.’ De jongen kijkt zijn vader met een gezicht vol verdriet aan, maar zegt niets en loopt naar boven. Daar gaat hij op de rand van zijn bed zitten en denkt hij nog een hele tijd over het voetballen na. Eerst meent hij stellig dat hij nooit bij een profclub terecht zal komen en ook niet bij een topclub als BVOB, maar later begint hij toch te twijfelen.
Zijn vader zit immers al jaren bij het voetbal en moet er dus wel verstand van hebben. Misschien dat hij dus echt wel een veel betere voetballer is dan hij zelf denkt. Hij kan in ieder geval enorm zijn best gaan doen om een sterspeler te worden. Vooral omdat zijn vader dan extra trots op hem is. Plotseling bedenkt hij zich, dat het misschien wel slim is om er zaterdag eens met zijn trainer over te praten. Als die ook denkt dat hij veel te goed is voor Concordia, hoeft hij immers helemaal niet meer te twijfelen. Hij besluit om in ieder geval naar zijn vader te luisteren en minder te gaan eten en geen limonade meer te drinken. Plus dat hij vanaf vandaag wat eerder naar bed gaat. Natuurlijk is televisie kijken hartstikke leuk, maar goed voetballen en een blije vader is immers pas echt geweldig. Hoewel Patrick ’s zaterdags pas om half twaalf hoeft te spelen, zitten zijn vader en hij voor acht uur al met gespannen gezichten aan de ontbijttafel.
‘Vandaag moet het gebeuren, jongen. Doe dus je uiterste best en zorg dat je tegenstander niet scoort. Als het kan, moet je ook mee naar voren gaan en probeer een doelpunt te maken. Er zijn namelijk vrijwel geen verdedigers die kunnen scoren. Denk eraan dat ik heel veel van je verwacht. Stel me dus niet teleur, maar laat nu eens zien dat je een topper bent. Als je goed speelt, gaan de mensen namelijk over je praten en komen de scouts vanzelf. Mits ze er natuurlijk vandaag al niet zijn.’
De jongen knikt en kent geen twijfels meer. Zijn vader heeft alle vertrouwen in hem en die zegt echt niet zomaar wat. Hij kan dus goed voetballen en daarom gaat hij vandaag ook zeker een topwedstrijd spelen. In gedachten ziet hij zijn pa al lachend langs de lijn staan en daarom kan hij bijna niet wachten tot hij op het veld staat en de wedstrijd begint. Het gesprek met zijn trainer zet hij door dit alles maar uit zijn hoofd, want die man heeft immers toch veel minder verstand van voetbal dan zijn vader. Als ze tegen kwart voor tien op het voetbalveld komen, gaat Patrick op zoek naar zijn teamgenoten. Zijn vader loopt, in tegenstelling tot normaal, dit keer niet naar de kantine. Daar zitten de andere ouders immers samen koffie te drinken en in die vaders van Ruud en Bart heeft hij nu even geen trek. Hij vindt die kerels normaal al niet zo aardig, maar dat wijze geklets over hun zoontjes kan hem helemaal gestolen worden. Wanneer binnenkort bekend wordt dat Patrick ook naar een profclub gaat, zullen ze trouwens wel wat normaler tegen hem gaan doen. Al zou het al een stuk schelen als hij eerst door een goede amateurclub werd gevraagd. Voor het zover is, zal de jongen echter eerst een serie goede wedstrijden bij Concordia moeten spelen en dat wordt nog een hele klus voor hem. Hij weet namelijk ook wel dat zijn zoon niet echt een supervoetballer is. Alleen door heel hard te werken en er alles voor over te hebben, kan het hem misschien lukken om hogerop te komen. Belangrijk is dat de jongen er zelf ook in gelooft en dat lijkt hij momenteel wel te doen. Hij is namelijk al een aantal avonden op tijd naar bed gegaan en een heel stuk gezonder gaan leven. Als hij zorgt dat de jongen op deze manier door blijft gaan, zal hij dus echt wel beter gaan presteren. Hij zou daarom niet weten waarom zijn zoon geen topper kan worden en is dan ook dolgelukkig als hij de man van Heerenveen weer ziet. Helaas voor hem, draait de wedstrijd uit op een gigantische tegenvaller. Patrick bakt er namelijk weinig tot niets van en dat is natuurlijk wel het laatste waar hij op zit te wachten. Daarom probeert hij luidkeels en op een niet altijd even positieve manier om zijn zoon tot betere prestaties aan te sporen, maar zonder resultaat. Het ventje gaat zelfs steeds minder spelen. Als hij tijdens de rust door zijn trainer wordt gewisseld, loopt zijn vader nogal verbolgen naar hem toe.
‘Man, man. Wat was jij slecht. Hoe kan dat nou? Heb je soms stiekem toch gesnoept en limonade gedronken? Op deze manier kun je een overstap naar Heerenveen wel vergeten en wil ook geen enkele andere club je hebben. Ruud en Bart spelen geweldig, maar jij was veruit de slechtste van het team.’

‘Ik heb echt mijn best gedaan, pap. Het wilde gewoon niet. Alles wat ik deed, ging fout. Die anderen waren gewoon veel beter dan ik.’
‘Vandaag wel, maar we geven de moed niet zomaar op. Je gaat daarom nog meer op je gewicht letten en in plaats van drie keer, ga je vier keer per week trainen.’ De jongen zegt niets, maar voelt de tranen naar boven komen en is daarom blij dat zijn trainer hem roept en hij nog even mee mag doen. Door het negatieve commentaar van zijn vader, staat hij echter stijf van de spanning en gaat het voetballen nog minder dan in de eerste helft. Daarom loopt het ventje na afloop verdrietig naar de kleedkamer en gaat zijn vader enorm gefrustreerd bij een andere wedstrijd staan kijken. Als hij daar een paar minuten heeft gestaan, komt Patricks trainer naar hem toe.
‘Ik geloof niet dat u vanochtend erg genoten heeft van uw zoon.’
Nee, jij wel? Het was toch ook helemaal niets. Die jongen voetbalde net als iemand van tachtig.’ ‘Hij was inderdaad niet best, maar die wedstrijden heb je nu eenmaal. Het belangrijkste vind ik, dat hij ondanks alles wel enorm zijn best bleef doen. Ik hoorde u trouwens iets tegen hem roepen over Heerenveen. U denkt toch hoop ik niet dat hij ooit door hen gescout gaat worden. Daar heeft hij namelijk echt het talent niet voor en dat is geen schande, maar wel de realiteit.’ Patricks vader vliegt woest op.
‘Waarom zou die jongen niet naar Heerenveen kunnen? Hij heeft misschien niet zoveel talent als Ruud en Bart, maar door veel te trainen en gezond te leven, kan hij die stap ook wel zetten.’ ‘Nee, dat gaat hem nooit lukken. Echt, u moet Heerenveen of een andere profclub uit uw hoofd zetten. Op deze manier maakt u Patrick namelijk diep ongelukkig en dat verdient hij niet. Het ventje heeft hier plezier en kan best het eerste van Concordia halen, maar meer niet.'‘Ik bepaal wat goed is voor mijn zoon. Als hij twee keer per week met de JO11-1 mee gaat trainen en aan zijn gewicht blijft werken, zul je zien hoe snel hij een topper is.’
‘Dat ziet u echt verkeerd. Neem dus alstublieft genoegen met zijn huidige prestaties, want op deze manier verprutst u zijn voetbalplezier en dat is zonde. Het is dus echt onnodig voor hem om af te vallen en die extra trainingen zijn al helemaal onzin. Ik geef daar trouwens ook geen toestemming voor.’‘Dan ga ik naar het bestuur.’‘Daar zit ik in.’ ‘Best, dan ga ik nu naar huis om het lidmaatschap van mijn zoon op te zeggen en hem aan te melden bij BVOB. Succes met deze vereniging, maar ons zie je hier nooit meer.’
Het worden verdrietige dagen voor Patrick, want hij wil helemaal niet naar een andere vereniging. Zijn vader is echter onverbiddelijk en daarom traint hij een week later al bij zijn nieuwe club. Dat levert echter nog veel meer ellende op. Ondanks een streng dieet en de hulp van een gediplomeerde trainer, worden zijn prestaties namelijk niets beter. Omdat het ventje per week meer problemen krijgt met de druk die zijn vader hem oplegt, gaat hij zelfs steeds minder spelen. Na anderhalve wedstrijd in de JO10-2, wordt hij daarom al teruggezet naar de JO10-3 en ook met dat niveau heeft hij heel veel moeite. De trainers hier twijfelen geen moment over het ventje. Ze vinden hem erg aardig, maar zeker geen topper en schudden hun hoofd vanwege het gedrag van zijn vader. Die laat zich echter door niemand overtuigen. Hij blijft de jongen overdreven kritisch begeleiden en loopt zoveel mogelijk talentendagen en voetbalkampen met hem af. Natuurlijk wordt de knaap ook hier geen betere voetballer van. Wel zorgt al dit gedoe voor heel veel tranen en verdriet bij Patrick en teleurstelling bij zijn vader. Dit wordt zelfs zo erg, dat ze na een tijdje allebei genoeg hebben van de voetballerij en hun grote hobby opgeven. Zijn pa is er voorgoed klaar mee, maar bij de jongen begint het na een paar jaar toch weer te kriebelen. Daarom meldt hij zich opnieuw aan bij Concordia en voetbalt hij, zonder de druk van het moeten presteren, met heel veel plezier verder.